Ik wil het Renkums Beekdal vanaf begin tot eind aflopen, en dat wordt een lange tocht want de dichtstbijzijnde bushalte is meer dan een uur lopen van de bron bij De Ginkel. Ik wil de beek aflopen zoals hij getekend is op de kaart uit 1570 (Bron Gelders Archief), met daarop de hele Renkumse Beek vanaf de Ginkel tot aan de Rijn. In die tijd werd De Ginkel dus als bovenstrooms gebied van de Renkumse Beek beschouwd, en mij lijkt dat logisch.

Renkums Beekdal
De Hartense Beek. Nicolaes van Geelkercken, 1570

Het huidige wandelgebied van het Renkums Beekdal begint bij het spoor, maar ik wil juist het begin zien. De beek wordt met een duiker onder het spoor geleid, en die wil ik zien. Hogerop in het dal ligt de A12 en ik wil zien hoe de beek onder de A12 doorgeleid wordt. Nog hoger in het dal ligt de Amsterdamse Weg. Op de reliëfkaart is het droge dal duidelijk te volgen en komt uit bij De Ginkel! Natuurlijk, de drie meren van De Ginkel zullen de hoogste natuurlijke bronnen van de Renkumse Beek zijn. Ik ben helemaal gelukkig met deze vondst en ik ga op weg om dit allemaal te bekijken.

De drie meertjes in De Ginkel zijn super, vooral het Kreelse Gat, de grootste en bekendste. Er begint hier inderdaad een beekje en die gaat naar het zuidoosten: het moet hem zijn! Er gaat geen pad langs, jammer, ik zoek de paden die zo dicht mogelijk de beek volgen. Een eind verder steek ik een beekdalletje over met prachtige heringerichte natuurlijke oevers. Ik steek de Amsterdamse Weg over en zoek het beekdal weer op dat hier achter het dierenasiel ligt. Dit dal was ik wel eens eerder tegengekomen (roodwit loopt een stukje mee, maar niet door het mooiste deel, het is weer zover) op een struintocht, en nu loop ik het helemaal af richting de A12. Wie een keer met de auto naar de Ginkelse Heide gaat en genoeg heeft van de drukte bij de schaapskooi, moet beslist dit dal ten oosten van de heide opzoeken.

Bij de A12 wacht een verrassing: er ligt een wildviaduct in een beekdal. Het lijkt niet ‘mijn’ dal maar een zijdal, maar er is zoveel geknutseld hier, dat ik niet goed kan zien hoe en wat. Ik ga niet het wildviaduct onderdoor. Het zou gemakkelijk kunnen, maar het is uiteraard niet de bedoeling en het fietsviaduct ligt er vlak naast.

Aan de zuidkant van de A12 zoek ik het beekdal weer op. Inderdaad komt een tak van het wildviaduct, en een tweede tak van ‘mijn’ dal, met in beide dalen een sprengkop. Ik zie ter hoogte van ‘mijn’ dal geen duiker onder de A12, blijkbaar is dit echt een droog dal want als wegenbouwers ook maar het geringste vermoeden van een waterloop hadden gehad, zouden ze hier een duiker hebben gemaakt. Alles beter dan een beek die zijn weg zoekt dwars door een wegdijk. Maar vanaf de sprengkoppen naar beneden zie ik heus water, of in elk geval nattigheid. In de winter zal hier water staan.

Ik loop over het pad langs de beek en kom bij het spoor. Tweede verrassing: hier ligt een prachtige heul. Deze is ongeveer 1,20 meter hoog en met een beetje goede wil zou ik erdoor kunnen. Ik zie pootafdrukken van reeën of zoiets in de beekbodem. Het is niet de bedoeling dat ik er doorheen ga, want er is geen pad doorheen (zoals wel verderop bij Wolfheze door een nog grotere heul). Er staat een peilstok van het waterschap bij, en het waterniveau is hier 17 meter boven NAP. Ik twijfel en wik en weeg en dan doe ik het toch. Hij is uiteraard veel langer dan het lijkt: in de verte zie ik de uitgang, maar hij gaat dus echt de hele spoordijk van de lijn Arnhem-Utrecht onderdoor, en dat is een dubbelspoor op een hoge (dus brede) dijk. Precies honderd stappen is deze onderdoorgang, mijn voeten worden een beetje nat maar gelukkig zijn er geen ratten of vleermuizen. Aan de zuidkant blijkt hoe dom mijn keuze is geweest, want ik kan maar nauwelijks tegen de zijkant omhoog die niet alleen onaangenaam steil zijn maar ook dicht begroeid met bramen. Met nog veel meer bravoure zou ik ook de duiker onder het fietspad kunnen nemen, maar nee helaas dat gaat echt niet. Even later sta ik op het fietspad, knik vriendelijk naar voorbijgangers en doe net of ik even een plasje heb gedaan in de bramen.

Aan de andere kant gaat de beek verder. Er loopt een pad maar dat gaat niet langs de beek. Hier ligt een natuurcamping, en het is niet de bedoeling dat je langs de beek loopt. Ik kan door de bedding, daar verniel ik niets aan, er groeien geen plantjes in, het is een harde droge bedding met loodrechte oevers, (duidelijk een spreng, niets natuurlijks aan) en lijkt nog het meest op een holle weg. Nee, ik heb genoeg illegaals gedaan. Gewoon het paadje volgen.

Ik loop langs de camping en kom een eindje verder een paadje langs de beek tegen. Vanaf hier is het een schitterende wandeling: het beroemde wandelgebied van het Renkums Beekdal. Een prachtig beekdal waar je zeker eens moet gaan lopen. Sprengen, molenbeken: genieten!

Renkums Beekdal
Renkums Beekdal, foto: Mathilde, 2018

Overigens bestaat De Renkumse Beek helemaal niet, wel het Renkums Beekdal. Het is een geheel van opgevoerde molengoten en laagliggende natuurlijke beken die zich splitsen en weer samenvoegen en nogal eens van naam veranderen. Maar nooit en nergens de Renkumse Beek heten. Ik volg nu niet een bepaalde beekloop, maar het dal.

Hoe je ook loopt, bij Quadenoord steek je het dal over. Drie bruggetjes liggen hier naast elkaar: de west-molengoot, de beek in het midden en de oost-molengoot. Ik kijk nog even bij de oude molen achter de schuur en loop verder. Bij de Bennekomse Weg ligt middenin het dal de monumentale boerderij Everwijnsgoed, met de opvallende lichtblauwe deuren. De molengoot heeft een mooie ecoduiker gekregen, de beek helaas niet.

Iets verder kom je bij De Beken, een oude boerderij, nu centrum voor informatie en koffie. Ten zuiden van De Beken is een fijn vlonderpad gemaakt dwars door het beekdal, dat uitkomt bij de voormalige zwemvijver. De route gaat daarna linksaf langs de heg van de begraafplaats. Op de volgende asfaltweg even naar links naar de resten van de voormalige papierfabriek, waar een leuk betonpad is gemaakt langs de beek dat uitkomt bij De Ommuurde Tuin.

IMG_20180416_141252.jpg

Hierna een stukje ‘jammer’ want er is geen pad langs het ONO aan de kant van het beekdal, je moet er helemaal omheen en dan de lange oprijlaan af. Daar moeten ze maar eens wat aan doen, dat kan leuker. Dit deel heet het Wageningse Broek.  Hoogstwaarschijnlijk is dit een oud irrigatieveld: vloeiweiden. De molengoten lagen namelijk handig aan weerszijden van de velden, en waren al opgehoogd vanwege de molens, en het water kon dus gemakkelijk gebruikt worden om de weilanden te irrigeren.

IMG_20180416_143138.jpg

Uiteindelijk kom ik bij de weg van Renkum naar Wageningen. Daar ligt in de beek een prachtig gemaal met sluis, maar daar kan ik niet bij. Aan de zuidkant van de weg kan ik het weiland weer in en volg de beek tot aan de monding in de Rijn.

Wow, zo leuk, beekje lopen.

Samenlopen?

Een groot deel van deze route is opgenomen in de samenloop Van Ede naar Renkum.

Meer lezen?

Advertenties