Ik wil het Renkums Beekdal vanaf begin tot eind aflopen, en dat wordt een lange tocht want de dichtstbijzijnde bushalte is een uur lopen van het meest bovenstroomse puntje bij De Ginckel. Volgens geomorfologen is het dal ontstaan als droogdal, maar volgens mij is het ouder en ontstaan tegelijk met de stuwwallen en sandr zelf als afwatering van de ijskappen. Een mini-Rijn zeg maar. Daarna is het uiteraard wel als gelifluctiedal of droogdal verder ontwikkeld. En nu is het een beekdal.

Renkums Beekdal
De Hartense Beek begon bij Ginkel. Witteroos, 1570 (kopie Van Geelkercken)

Het huidige wandelgebied van het Renkums Beekdal begint bij het spoor, maar ik wil juist het begin zien. Op de reliëfkaart is het droge dal duidelijk te volgen. Natuurlijk, de drie meren van De Ginkel zullen de hoogste natuurlijke kwelbronnen in het beekdal zijn. Ik ben helemaal gelukkig met deze vondst en ik ga op weg om dit allemaal te bekijken.

De drie meertjes in De Ginkel zijn super, vooral het Kreelse Gat, de grootste en bekendste. Er begint hier inderdaad een beekje en die gaat naar het zuidoosten: het moet hem zijn. Er gaat geen pad langs, jammer, ik zoek de paden die zo dicht mogelijk de beek volgen. Een eind verder steek ik een beekdalletje over met prachtige heringerichte natuurlijke oevers. Ik steek de Amsterdamse Weg over en zoek het beekdal weer op dat hier achter het dierenasiel ligt. Wie een keer met de auto naar de Ginkelse Heide gaat en genoeg heeft van de drukte bij de schaapskooi, moet beslist dit dal ten oosten van de heide opzoeken.

Bij de A12 wacht een verrassing: er ligt een ecoduct in het beekdal. Ik ga er niet door. Het zou gemakkelijk kunnen, maar het is uiteraard niet de bedoeling en het fietsviaduct ligt er vlak naast.

Aan de zuidkant van de A12 liggen twee herstelde sprengkoppen met palissade afgezet. Vanaf de sprengkoppen naar beneden zie ik nattigheid. In de winter zal hier water staan.

Ik loop over het pad langs de beek door het beekdal en kom bij het spoor. De spoorweg kruist het beekdal met een wel 10 meter hoge dijk. Kunnen we daar niet een brug over maken zoals nu ook hier en daar in uiterwaarden verschijnt? Kunnen de dieren (en ik) doorlopen. Hier ligt wel een leuke heul. Deze is ongeveer 1,20 meter hoog en met een beetje goede wil zou ik erdoor kunnen. Ik zie pootafdrukken van reeën of zoiets in de beekbodem. Het is niet de bedoeling dat ik er doorheen ga, want er is geen pad doorheen (zoals wel verderop bij Wolfheze). Er staat een peilstok van het waterschap bij, en het waterniveau is hier 17 meter boven NAP. Ik twijfel en wik en weeg en dan doe ik het toch. Hij is uiteraard veel langer dan het lijkt: in de verte zie ik de uitgang, maar hij gaat dus echt de hele spoordijk van de lijn Arnhem-Utrecht onderdoor, en dat is een dubbelspoor op een hoge (dus brede) dijk. Precies honderd stappen is deze onderdoorgang, mijn voeten worden een beetje nat maar gelukkig zijn er geen ratten of vleermuizen. Wat als die er wel waren geweest, dan was ik vast gebeten en had ik een of andere enge ziekte verspreid. Ik heb er nog wel eens rillingen van, maar het was er absoluut leeg. Aan de zuidkant blijkt nogmaals hoe dom mijn keuze is geweest, want ik kan maar nauwelijks tegen de zijkant omhoog die niet alleen onaangenaam steil is maar ook dicht begroeid met bramen. Met nog veel meer bravoure zou ik ook de duiker onder het fietspad kunnen nemen, maar nee helaas dat gaat echt niet. Even later sta ik op het fietspad, knik vriendelijk naar voorbijgangers en doe net of ik even een plasje heb gedaan in de bramen.

Aan de andere kant gaat de beek verder. Er loopt een pad maar niet langs de beek. Hier ligt een natuurcamping, en het is niet de bedoeling dat je langs de beek loopt. Ik kan door de bedding, daar verniel ik niets aan, er groeien geen plantjes in, het is een harde droge bedding met loodrechte oevers, (duidelijk een spreng, niets natuurlijks aan) en lijkt nog het meest op een holle weg. Nee, ik heb genoeg illegaals gedaan. Gewoon het paadje volgen.

Ik loop langs de camping en kom een eindje verder een paadje langs de beek tegen en dan ineens opent het beekdal zich. Vanaf hier is het een schitterende wandeling: het beroemde wandelgebied van het Renkums Beekdal, waar je zeker eens moet gaan lopen.

Renkums Beekdal
Renkums Beekdal, foto: Mathilde, 2018

Overigens bestaat De Renkumse Beek helemaal niet, wel het Renkums Beekdal. Het is een geheel van opgeleide molensloten en laagliggende natuurlijke beken die zich splitsen en weer samenvoegen en nogal eens van naam veranderen. Maar nooit en nergens de Renkumse Beek heten.

Bijzonder zijn de twee sprengenkruisingen. Maar dat is een ander verhaal.

Hoe je ook loopt, bij Quadenoord steek je het dal over. Drie bruggetjes liggen hier naast elkaar: aan de westkant de molensloot van de Oliemolen, aan de oostkant laag langs het gras de molensloot van de Hartense molen en hogerop die van de Quadenoordse molen.

De hellingen aan de oostkant van het dal zijn opvallend steil, kaarsrecht bijna. Dit is geen stuwwalhelling: het beekdal ligt in de Sandr van Schaarsbergen. Bij de Bennekomseweg ligt in het dal de monumentale boerderij Everwijnsgoed, met opvallend lichtblauwe deuren. De naam, die in de 16de eeuw al genoemd wordt, is kortgeleden veranderd in beekdalhoeve of iets anders onzinnigs, hoe onbarmhartig kun je zijn voor cultuurhistorie.

Iets verder kom je bij De Beken, eens een oude boerderij, nu centrum voor informatie en koffie. Ten zuiden van De Beken is een fijn vlonderpad gemaakt dwars door het beekdal dat uitkomt bij de voormalige zwemvijver. Nu valt me op dat de helling aan de westkant van de beek veel geleidelijker is dan aan de oostkant. Dat klopt met de theorie van de droogdalen. De route gaat daarna linksaf langs de heg van de begraafplaats. Op de volgende asfaltweg even naar links naar de resten van de voormalige papierfabriek, waar een leuk betonpad is gemaakt langs de beek dat uitkomt bij De Ommuurde Tuin.

IMG_20180416_141252.jpg

Hierna een stukje ‘jammer’ want er is geen pad langs het ONO aan de kant van het beekdal, je moet er helemaal omheen en dan de lange oprijlaan af. Daar moeten ze maar eens wat aan doen, dat kan leuker. Dit deel heet het Wageningse Broek.  Hoogstwaarschijnlijk is dit een oud irrigatiesysteem met vloeiweiden. De molensloten lagen namelijk handig aan weerszijden van de velden, en waren al opgehoogd vanwege de molens, en het water kon dus gemakkelijk gebruikt worden om de weilanden te irrigeren. Als de molenaar het niet nodig had natuurlijk.

Uiteindelijk kom ik bij de weg van Renkum naar Wageningen. Daar ligt in de beek een prachtig gemaal met sluis, maar dat hoort bij een ander verhaal. Daar houdt het dal op en beginnen de uiterwaarden van de Rijn. De beek loopt verder door die uiterwaarden, maar ook dat is een ander verhaal.

Wow, zo leuk, beekje lopen. Zelfs als ik van mezelf niet naar water mag kijken. Nou, dat is niet gelukt.

Meer lezen?

Foto’s van dit beekdal:

  • Halveradbeek bij de Bennekomseweg
  • Halveradsbeek bij Everwijnsgoed
  • Hartense molenbeek
  • Duiker in de Halveradbeek
  • Halveradbeek
  • Oliemolenbeek
  • Uitlaat gemaal Renkum Oliemolenbeek
  • Gemaal Renkums Beekdal
  • renkums Beekdal in 1634
  • plaats van de Hartense molen
  • Wijfjesvaren op de hoorn bij het Turfdel in Renkumsebeek
  • Ecoduiker in het Renkums Beekdal
  • Quadenoordse molen
  • sprengenkruising
  • sprengenkruising
  • Hartense molenbeek
  • Hartense Molenbeek