De oude woonkernen in het Binnenveld zoals Lunteren, Dousburgh, Ede, Bennekom en Achterberg liggen niet in de kom noch op de stuwwal. Deze plaatsen liggen op de helling tussen stuwwal en veen. Kleinere plaatsen lagen daartussen zoals Hoekelum, Veentjes, Leeuwen en Brakel. De stuwwal was in gebruik als bos en heide. De helling als landbouwgrond. En beneden in het Binnenveld? Daar was het nat: daar werd riet gestoken, wilgenhout gehakt, vis gevangen, koeien geweid en gehooid. En turf gestoken, zo’n fijne brandstof. Dit principe geldt voor alle plaatsen op de rij van Wageningen tot Lunteren, en aan de westkant Achterberg. Elke gemeenschap heeft gronden van boven tot beneden.

Sommige plaatsen wijken af: Maanen, Velthuizen en De Kraats liggen bij een dekzandrug die het veen insteekt, maar ook zij bezaten gronden van boven tot beneden. Emminkhuizen ligt bij een privé-heuvel omgeven door veen. Veenendaal is wat jonger, maar ligt ook op twee droge heuvels in het veen. En tenslotte Wageningen.

Wageningen ligt afwijkend: het ligt op een handelsplek, een slimme plek langs een doorgaande route. Kijk met me mee.

Wageningen ligt in de zuidpunt van de Gelderse Vallei tegen de stuwwal aan. Laten we eens naar die Gelderse Vallei kijken door de ogen van een Middeleeuwer. De Veluwe is hoog en droog, net als de Utrechtse Heuvelrug; beide gebieden zijn bewoond en belangrijk. Maar het gebied ertussenin is een groot moeras en veengebied. Ondoordringbaar wilgenbos, veen waarin je wegzakt, tot aan de horizon richtingloze zompen waarin je verdwaalt als je niet verdrinkt. Malariamuggen en slangen maken je het leven onmogelijk.

Op een paar plekken dringen hogere zandruggen vanuit de Veluwe ver door in dit moeras. Die gebruik je om de Vallei over te steken. Bij Amersfoort kun je redelijk gemakkelijk hoppen van zandrug naar zandrug, en alleen bij de Amer blijft een lastig nat stuk over met gelukkig een plek waar je er vrij eenvoudig overheen kan: daar ontstaat de nederzetting Amersfoort (dit is de theorie uit Amersfoort lag aan zee, prachtig boek van het Waterschap).

Ook in het zuiden van de Vallei liggen enkele zandruggen die helaas niet tot de overkant reiken. Ze verdwijnen in het veen. De beste plek om in het zuiden de Vallei over te steken is bij de uiterste zuidpunt. Daar is de Vallei het smalst: van de Utrechtse Heuvelrug tot de Veluwe is het maar 5 km. Reuze handig is het dat de Rijn hier stroomruggen en oeverwallen heeft afgezet, restanten van oudere Rijnlopen. Die zijn hoog en droog en liggen als een groot veilig vluchteiland in het waterrijke moeras. Ten westen en oosten hiervan blijft een smalle strook moeras over waar je even doorheen moet. Aan de westkant is dat de monding van de Grebbe (en de Kromme Eem) en daar ontstaat de nederzetting de Grebbe. In het oosten is de natte strook breder en daar ontstaat Wageningen.

Op de paleogeografische kaart van 800 nC kun je dit prachtig zien. Geel is de stuwwal, bruin is het veen. Lichtgeel zijn drogere hellinggronden en de lage zandgronden in de Vallei, groen de stroomruggen en komgronden van de Rijn. In het veen zwarte streepjes, en ik heb er lang over gedaan om te bedenken wat dat kon wezen: de huidige grens tussen Utrecht en Gelderland dus. Felblauw zijn huidige waterlopen, maar die van de Rijn is onzichtbaar binnen dikke zwarte lijnen.

kaart 8 binnenveld
bron: Paleogeografische kaarten, 800 nC

Ik kijk naar het meest zuidelijke deel van het Binnenveld waar de Vallei op zijn smalst is. Hier ligt De Nude, een gebied met hoge stroomruggen en oeverwallen van de Rijn. Wat je goed kunt zien is dat in het westen van de Vallei De Nude vrijwel aansluit op de Grebbeberg, maar dat er in het oosten een gat zit. In dat gat ontstond Wageningen.

Wageningen ontstaat dus op een plek waar je de Gelderse Vallei kunt oversteken. Het heeft alleen geen naam die wijst op deze ontstaansgeschiedenis. Amersfoort ligt bij de voorde over de Amer. Er lag waarschijnlijk ook een beek bij Wageningen, maar ik heb nog niet gevonden hoe die heette, als dat al bekend is. Zou Wageningen bij de voorde over de Wage??? liggen

Om de Wage??? over te steken werd een dam gelegd tussen de berg en de Nude. Op die dam ligt de Hoogstraat. Waarschijnlijk lagen aan beide uiteinden van de dam doorgangen voor het water, want water zal zich altijd op lagere plekken concentreren. Aan weerszijden van de dam was dus een brug of vonder nodig. Wie weet heeft dat later wel de grootte van de vesting bepaald en zijn de plaatsen van de Bergpoort en Nudepoort oude bruggen over de twee watertjes aan weerszijden van de dam. Misschien is dat de reden waarom de vesting als een veel te wijde trui om de nederzetting lag waar velen zich over verwonderd hebben. Dit lijkt best een logische gedachte, in lijn met wat Vervloet schetst over de geschiedenis van Wageningen.

Om de nieuwe nederzetting tegen inkomend water vanuit de Vallei (de Rijn leverde geen gevaar op, als die overstroomde, stroomde het water naar de komgronden bij de Haar) te beschermen werd nog een dam gelegd, de Ouden Dam, waar later de Lawickse Allee op is gelegd. Deze dam zie je terug op de oudste kaarten. Op de volgende kaart van Van Geelkercken uit 1628 zie je de boerderij Den Ouden Dam links van Wageningen liggen.

kaart 16
Van Geelkercken 1628 bron Gelders Archief

Vervloet stelt dat De Oude Dam water vanuit het Binnenveld tegengehouden heeft, misschien wel van de Kromme Eem (en is een betere naam voor Wageningen Eemvoorde), of het beekje de Wage??? (Wagvoorde).

De Hoogstraat als dam tussen de Veluwe en de hoge Nude, het klinkt nu raar. Het klinkt helemaal raar dat dit niet een dijk tegen de Rijn was, maar tegen water vanuit het Binnenveld. Maar de ontwikkeling van de stad wijst er wel op. De eerste huizen verrezen aan de zuidkant van de Hoogstraat, zoals de kerk, het stadhuis en zelfs het kasteel. De loop van de Herenstraat lijkt een oude waterloop richting de haven, en zou goed het vervolg van de beek die bij de Bergpoort langs de stad liep kunnen zijn. Vroeger heette deze straat Achterstraat (maar de nieuwe Rijkslandbouwschool wilde geen hoofdgebouw aan een Achterstraat). Helaas geen Beekstraat, jammer, dan hadden we het zeker geweten. Spijk is een oud woord voor schiereiland, misschien is dat een aanwijzing dat hier een beek omheen kronkelde?

sGrooten tekent in 1570 een schitterende kaart van de Veluwe waar ook Wageningen op staat. Helaas wel raar gedraaid, maar duidelijk is wel dat hij de stad achter de rechte Hoogstraat situeert.

kaart 15 sgrooten
sGrooten, 1570

Op de kaart van Van Deventer uit 1575 is de unieke ligging van Wageningen nog het beste te zien:

kaart 15 deventer
Wageningen. Van Deventer, 1570

Wat je mooi kunt zien is dat er inderdaad een beekje lijkt te lopen van de Dijkgraaf, Herenstraat en dan de benedenloop daarvan vanuit de gracht naar de Rijn. Maar let vooral eens op de verschillende kleuren in het landschap rondom Wageningen: de lichtgekleurde hoge delen van de berg en de Nude, en Wageningen precies in het gat daartussen. Mooi toch?

Verder lezen over de 14e eeuw  en de eerste polders in het Binnenveld.

Bron: vrij ontleend aan het hoofdstuk van Jelle Vervloet in De geschiedenis van Wageningen.

Terug naar deel 1: het Binnenveld 120.000 jaar geleden.