Denk niet dat ik steeds hetzelfde kaartje toevoeg, nee, er komen steeds meer weteringen en dijken bij. Hier is de Slaperdijk inmiddels gelegd.

In de 17de eeuw vochten Utrecht en Gelderlant eindeloze ruzies uit over het waterprobleem in het Binnenveld. Veenendaal had inmiddels het veen afgegraven, daarvoor de waterstand verlaagd tot onder het af te graven veen, wat inklinking tot de bodem tot gevolg had. Veenendaal, eerst een veenkussen dat prachtig fungeerde als waterscheiding, was een zompig moeras geworden. Water stroomde er wel heen, maar niet weg. In de 16de eeuw nog stroomde het water van de Grift en Kromme Eem naar de Rijn, maar in de 17de eeuw was dat voorbij, en stroomde het water nergens heen, maar als het stroomde dan naar het noorden naar Amersfoort.

Er moest wat gebeuren om de waterlossing van het Binnenveld te verbeteren, en daar hadden Utrecht en Gelderland ruzie over. Want de Geldersen wilden het water weg, en de Utrechters wilden het niet hebben. Dus werden er in de 17de eeuw heel veel vergaderd, een aantal prachtige kaarten gemaakt, en uiteindelijk werd ook een oplossing gevonden.

De belangrijkste kaartenmaker aan Gelderse kant in de 17de eeuw was Nicolaes van Geelkercken. Aan de Utrechtse kant heeft Justus van Broeckhuijsen een mooie kaart afgeleverd van de Slaperdijk die nog altijd hier en daar in gemeentehuizen of waterschapshuizen aan de wand hangt. De Schoonebeekse Grift in 1628: 3Nicolaes van Geelkercken maakt een hele serie kaarten over het Gelderse waterprobleem. Deze van de Vallei is van 1628:

1536-1 kaart 16

Volg deze link naar de kaart bij het Gelders Archief waar je kunt inzoomen op de details. De kaart is ongeveer anderhalve meter lang.

Nicolaes begon in 1628 aan deze kaart, liet hem 23 jaar liggen, en maakte hem toen af. Want die ruzie mondde uit in eindeloze geschillen en onderzoeken, en hij kon met zijn tijd en geld beter wat anders gaan doen tot de Hoge Heren eruit waren. Dat duurde tot rond 1651; toen was dan toch zijn kaart weer nodig en heeft hij hem afgemaakt.

De ruzie ging wel echt ergens over en ik, Wageninger, vind dat de Geldersen gelijk hadden. De Veenendalers waren rijk geworden van de verkoop van het veen, de Stichtsen hadden nergens last van maar de Wageningers, Bennekommers, Maners, Edenaren, Veldhuizers en Doesburgers zaten met natte gronden. Nu wilden de Stichtsen dat de Grebbedijk werd verbeterd, want oh oh, als de Rijn zou overstromen zouden zij ook natte voeten krijgen. Daar hadden de Geldersen geen zin in, want die Grebbedijk, 5 km lang, ligt voor 80% in Gelderland en dat moest de versterking van die dijk ‘dus’ betalen, terwijl de Geldersen geen last hadden van een overstroming eens in de zoveel jaar, die ook vruchtbaar slib op hun land bracht. Ze hadden elke dag last van kwelwater, regenwater, beken die ophielden in het midden van het Binnenveld. Die ruzie werd niet opgelost. Polderen was in de politiek nog niet uitgevonden.

Een fikse ruzie dus die een dertigtal jaar heeft voortgeduurd. Nicolaes draagt in zijn kaart allemaal goede ideeën aan. De kaart is helaas beschadigd waardoor sommige tekst onleesbaar is, en dat is jammer want dat is commentaar van Nicolaes op het waterprobleem. Er staat bijvoorbeeld in t Leeg Slagh: Ao. 1628 hadde [t waeter of kwaede ?] … … naar de Haarsluijs. Wat zou daar staan? Dat boze lieden de Eemdijk hadden doorgestoken om het water af te laten lopen naar de Haarsluis? Of dat het water niet naar de Haarsluis weg kon lopen? In elk geval tekent Nicolaes heel wat onbedoelde waterstromen die eigengereid zonder zich iets van de stegen langs de polders aan te trekken de Eemdijk oversteken.

Gelukkig is veel wel leesbaar. In de Bennekomse Meent schrijft hij Wageningse en Bennekomse gemeent oft veen. Dat gebied was dus in gezamenlijk beheer tussen Wageningen en Bennekom, en dat klopt want dat was de uitkomst van een ruzie waarover de Bennekommers en Wageningers in 1550 ruzie maakten, wat een prachtig verhaal is maar dat heb ik al verteld.

Onderaan, langs de wetering van Doesburg die uitloopt achter de Eemwal (die de polders beschermt) naar de Grijft schrijft Nicolaes: het water moet allemaal bij de Grebsluijs uijt komen. Dat was vroeger ook zo, maar hij schrijft het niet voor niets: blijkbaar was het niet meer zo in 1628.

Hij noemt ook de Gilbert van Schonebeeckgrijft. Nicolaes lijkt het een goed idee als de Schoonebeekse Grift wordt heropend en dat is na zijn dood ook gebeurd. Hij stelt voor een kanaal te graven om Veenendaal heen, zie de stippellijntjes, en 250 jaar later is dat Omleidingskanaal volgens zijn tracé gegraven. Kortom, Nicolaes van Geelkercken zat vol goede ideeën om het waterprobleem op te lossen. Maar die ideeën werden in zijn tijd niet uitgevoerd.

Utrecht besloot om op eigen kosten een dijk leggen op de grens tussen Gelderland en Utrecht, een Slaperdijk, en dat vonden de Geldersen prima mits daar dan wel heulen in zouden komen zodat hun water naar het noorden zou kunnen lossen. Dat wilden de Utrechtenaren niet. Waarom niet, is mij niet duidelijk. Waarschijnlijk omdat het hen teveel geld zou kosten om de Schoonebeekse Grift uit te baggeren. Dus drie jaar na het maken van deze kaart legde Utrecht alsnog op eigen houtje de Slaperdijk, zonder ook maar een heul waar het water uit Gelderland door kon. Daar waren de Geldersen helemaal niet blij mee. Toen heeft Nicolaes die andere prachtige gekleurde kaart gemaakt waar de Slaperdijk opstaat waarop hij de watergevolgen van de Slaperdijk voor de Geldersen zichtbaar maakt. Misschien wel zijn meesterwerk als tegenwicht van de mooie kaart van de Gelderse Vallei van Van Broeckhuijsen, zijn Utrechtse concurrent, maar dat is een ander verhaal.

Toen de Slaperdijk was aangelegd, zag Het Binnenveld waterbouwkundig er zo uit:

kaart 17 Binnenveld
Binnenveld 1655, AHN, Deys, Mathilde

De Slaperdijk zie je linksboven in de hoek. Het zuidelijke deel loopt nog altijd tussen het Egelmeer en de Rode Haan (dat is waar de Schoonebeekse Grift kruist met de Slaperdijk) en vandaar verder naar de Emminkhuizerberg. Bij die heuvel hoef je natuurlijk geen dijk aan te leggen. Vandaar gaat hij met een hoek verder naar het noorden. Details van de Slaperdijk is een ander verhaal. Maar je snapt wel dat als je geen heulen in die dijk legt, dat Veenendaal niet erg blij is. Natte voeten! Utrechts egoïsme! Uiteindelijk zijn er bij De Rode Haan vier heulen in gemaakt met een strikte regulering wanneer die open en dicht moesten.

Terug naar deel 1 van deze serie over Het Binnenveld.

Tenslotte naar Het Binnenveld in de 18de eeuw

Advertenties