De Moft in 1649
De Moft in 1649, Van Geelkercken, GA 1408-1649

Anderen schaatsen, ik wandel door het bos bij Bennekom. Met in mijn hand een deel van de grote kaart van Nicolaes van Geelkercken van de Moft uit 1649. De Moft was in beheer bij de Rekenkamer, de voorloper van Staatsbosbeheer, en dus een openbaar toegankelijk bos waar in principe, binnen strenge regels, iedereen gebruik van kon maken. Hierop zag de Bosmeester van de Veluwe toe. De bosmeester inde bijvoorbeeld pacht, thijns (vermogensbelasting) en tiend (inkomstenbelasting) op het ontginnen van grond, zetten van bijenkasten, maaien van heideplaggen en hoeden van schapen in het bos.

Nicolaes van Geelkercken had als opdracht om de grenzen van de Moft nauwkeurig vast te leggen, omdat aan de randen door particulieren stukken van het openbare bos werden afgeknabbeld, illegaal en legaal. Nicolaes schrijft in zijn toelichting:

Anno 1649 hebben wij ondersschrevenen door last vanden Edele Rekenkamer deses vorstendoms onder aenwijsinge vanden Bosmeester ‘t Sas, met de vorsters, desen lantschaps Moeff met de Geldersche lantroede gemeten, gelijck deselve met geele cluere omtrocken is. . […] Dese vorssegde metinge was seer nodigh want naer verloop des tijts soude men kunnen sustenieren dat de naest gelegen nabers, haer landerijen ofte velden daer mede vergroot hadden. Sulcke geruchten in mijnen tijt gegaen sijn. Maer hebben ‘t selve ondersoocht ende ’t selve bevonden gelijckt nu affgemeten is. […]

Bosmeester ’t Sas, daar hebben we hem.

De kaart is niet geschikt als wandelkaart. Niet zozeer omdat hij bijna 400 jaar oud is, maar omdat wegen er niet nauwkeurig op ingetekend zijn. Nicolaes had immers niet als taak om de wegen in De Moft op te meten, en dat heeft hij dan ook niet gedaan. Toch gaan we erop lopen, en wel bij de Bosmeester Sassenkampen en de Hullenberg bij Bennekom.

De Bosmeester Sassenkampen

Nicolaes tekent bij Bennekom twee vierkante percelen tegen de wildgraaf aan en noemt ze samen de Bosmeijster Sassenkamp. Dit moet je lezen als Bosmeester ’t Sas zijn kamp. Tussen de twee percelen tekent hij een huis of schuur. De twee percelen zijn tot ver in de 20ste eeuw nog goed herkenbaar: het ene is wel groter dan het andere en vierkant zijn ze geen van beide. Inmiddels is ook de strook ertussen volgebouwd met villa’s en zijn de twee vierkanten niet meer te onderscheiden.

Bosmeester ’s Sas ontgint deze twee kampen rond 1630. Eerst krijgt hij toestemming voor de zuidelijke kamp, daarna wil hij dat naar het noorden uitbreiden. Hiervoor krijgt hij ook toestemming, maar hij moet er ruimte tussen open houden voor de schapenboeren uit Bennekom. Vandaar dat het nu twee kampen zijn. Een andere keer meer over dit boeiende verhaal, nu mijn wandeling.

Mijn wandeling

Ik teken op de kaart van Nicolaes de route in die ik wil lopen en neem bovendien de route over op een ‘actuele’ kaart uit 1962.

Ik teken deze route in op een kaart uit 1962 (daar staan namelijk heel veel boswegen op. In geel de twee Bosmeester Sassenkampen en in blauw mijn route.

Het is een korte wandeling maar ik geniet. Ik kom zoveel schitterende foto’s tegen op internet de afgelopen dagen, daar steken mijne magertjes bij af. Het genieten was echter niet minder: de sneeuw in het bos, de mensen met hun sleetjes die de Hullenberg afroetsten, de tonderzwammen met hun witte hoedjes: wat een topdag.

Dit is een geweldige helling en je ziet meerdere mensen met sleetjes. Op de foto is van de helling weinig te zien.

Zorg altijd dat je eigen schaduw niet op de foto staat, heb ik geleerd. Hier buit ik het juist uit: selfie in de sneeuw.

Tonderzwammen op een beuk: