Doesburg ten noorden van Ede (bekend van de Doesburgermolen) is een oud buurschap. In het buurschap ligt een oude polder plus twee veengebieden die in de 16de en 17de eeuw zijn afgegraven en waar nu Ederveen ligt. Het afgraven van het veen met het bijbehorende ontwateren zorgde voor waterproblemen in de polder. Problemen = kaarten = nu genieten. Ik ken van Doesburg een prachtige kaart uit 1655 die hierover gaat en waarbij ook een eenvoudige schetskaart hoort.

1655: Doesburg bij Van Geelkercken

Deze kaart is gemaakt door Nicolaes van Geelkercken, maar niet te vinden onder zijn naam bij het Gelders Archief, omdat hij hier zijn naam als Geelkerck spelt. Archivarissen zijn heel precies en nemen zo’n spelfout gewoon over. Lastig hoor, maar ik heb hem en jij nu ook.

Kaart van Buurschap Doesburg (Ede) uit 1655. GA 5476-1665-79
GA 0124: 5476-1665-97

Als je op de afbelding klikt, krijg je een grotere versie te zien. Als je de link onder de kaart volgt, kun je inzoomen. De kaart lijkt superduidelijk. Ik leg hem dus argeloos op de huidige topografische kaart, maar zo eenvoudig is het niet. Ik pak de topokaart van 1854 erbij en teken de kaart na. Let op: op de kaart is het noorden rechts, op de topokaart hieronder is het noorden boven.

Er klopt helemaal niets van! Nicolaes van Geelkercken tekent het gebied van Dousburgh als een keurige rechthoek met verhouding 3:4. Op de topokaart is het ten eerste geen rechthoek en ten tweede veel langgerekter. De grenzen zijn de Goorsteeg, de Slaperdijk, en de Doesburgerdijk. De kaart stopt in het oosten bij de Hooge Wegh, maar in het oosten loopt de buurschap op de stuwwal door. Geen problemen = geen kaarten!

Buurschap Doesburg (Ede) op kaart uit 1854
Bron: topotijdreis 1854, bewerking Mathilde, 2020

Van Geelkercken deelt dit deel van de buurschap in twee stukken in: het westen is veen, het oosten is de Doesburgerpolder. Van west naar oost staat in 1854 aangegeven: het Achterveen, het Doesburgerveen en de Doesburgerpolder. In de polder schrijft Nicolaes:

Dese boûrschap van Doûsbûrgh is met root omtrocken en op de boûlanden sijn hûijsen geteijckent ende de leege landen sijn met groen afgetrocken waerdoor dat men sporen kan waer de waetertochten loopen, aller op de platze aengeteijckent. Sal men bevinden dat dit Doûsbûrgh twee waeterlossinge heefft te weeten een van nattûijren door het Stijfft Uijttrecht en de andere doer haer schût, het welcke met eenen rechten dijck van het Kernhemse veldeken tot Veltiens graeff is affgeteijckent. Anno 1655 7 Julij N. van Geelkerk.

Het westelijke deel was dus veen, van oost naar west het Doesburgerveen en het Achterveen. Van Geelkercken gooit de venen op een hoop en maakt er een vierkant van. Hij tekent de gevolgen van de vervening in het westelijke deel: wegen en boerderijen. Hij tekent bij boerderij Esveld een weg het veen in maar nog niet verder. In 2020 is Esveldsweg de Hoofdweg dwars door Ederveen. (Of niet, Jan zegt terecht dat er even ten oosten van de Esveldsweg een oud dijkje ligt parallel aan de weg. Was dit het dijkje naar Esveld? Maar dan tekent Nicolaes de ligging fout.) Esveld is nu een bekende familienaam in Ederveen.

Hij tekent een deel groen en een deel geel. In het gele deel tekent hij boerderijen en wegen, in het groene deel niet. Kortom: het gele deel is al verveend en inmiddels als landbouwgrond in gebruik. Dat kun je mooi zien!

Interessant is dat Nicolaes allerhande waterproblemen tekent. Hij tekent overstroomde velden en hij doet suggesties ter verbetering. Die wateroverlast is volgens mij veroorzaakt door het afgraven van het veen en de bijbehorende ontwatering. Daar heb ik uitgebreid over geschreven in andere stukken. In elk geval, het westelijke deel van de buurschap dat inmiddels verveend was en waar inmiddels landbouw werd bedreven, onder andere door Esveld, kon zijn water niet kwijt door het zakken van het land. Nicolaes beveelt onder andere aan de Munnikensloot te graven en daar een schut te leggen. Dat is ook gebeurd, en dat schut ligt er nog. Ook dat is een ander verhaal.

1655: De schetskaart van Van Geelkercken

Bij de gekleurde kaart van Nicolaes hoort een schetskaart. Niet zo mooi gekleurd, niet zo perfect, maar super interessant. Ook deze kaart gaat over het waterprobleem van de Doesburgse polder. Hoe meer waterproblemen, des te meer kaarten voor mij (en slapeloze nachten). De afwatering van de polder van Doesburg bezorgde tientallen jaren hoofdbrekens. Wie nu fietst door landelijk Doesburg, merkt er helemaal niks meer van: alles werkt nu.

kaart 16 Binnenveld

Het noorden is boven. Dat is wennen: de meeste kaarten van het Binnenveld (ook de gekleurde van Doesburg) kijken vanuit Gelderland naar Utrecht. Dan kun je je vel perkament of papier lekker in de breedte uitspreiden op je tafel en teken je dus de Rijn links en de Zuiderzee rechts. Ik begin het bijna logisch te vinden. Maar bij deze kaart dus niet: Nicolaes tekent het noorden boven zoals we dat nu gewend zijn.

In het midden op de kaart staat Boûrschap Doûsburgh. Rechts zie je de Doesburgse molen. Rechtsonder de Gemeent Kernhem. Hij tekent alleen de zuidwesthoek van de polder. Rond de polder een dijk: de Doûsburgse Kade (die ligt er nog). In het westen is de grens met de nieuwe vervening vanuit Veenendaal met een mooi stelsel van sloten en kades:

kaart 16 Binnenveld

Rechts de polder, daarlangs een smalle schoûsloot, dan de brede Veensteegh, dan weer een sloot, dan de Nijendam en dan aan de westkant tenslotte nog een sloot. Blijkbaar heeft de Nijendam de oude polderdijk opgeslokt. De Nijendam lijkt te horen bij de nieuwe verveningen vanuit het westen; de Doesburgse Polder is ouder.

Nicolaes tekent een aantal stegen: die liggen er nog net zo. De A30 ligt precies over de Schouwsloot en Veensteegh. Ik herken de Seghsteegh (nu Zecksteeg), de Schamsteegh, de Nijesteegh, de Broecksteegh (nu Krommesteeg en de naam Broeksteeg is alleen het OW-deel). Maar waar is dan die Nijendam? Is dat de Meijkade? Maar die past niet in de blokstructuur van de polder en loopt niet parallel aan de schouwsloot. De verkavelingsstructuur tussen de sloot en kade is in het noorden volgens de polder, en in het zuiden volgens de westelijke vervening. Bovendien kon Nicolaes best wel wat en als hij de kade vlak langs de Veensteeg tekent, dan geloof ik hem. Maar het klopt niet met zoals het nu is, zelfs niet als ik de A30 wegdenk.

Het lijkt erop dat de ZW hoek van de polder op een gegeven moment is opgegeven en is opgegaan in de vervening. Nicolaes noemt dit Allemans Hoijlant, dus goed ontwaterd was het vast niet. Het Doesburgseschut lag bij de T van de Heremeijesteeg en de Doesburgerdijk.

Bij het Doesburgse schut schrijft Nicolaes ‘hier dint dit wat ûijtgerûmpt te sijn. Daar moest wat uitgeruimd worden. Nicolaes tekent een stippellijn tussen het schut en de Seghsteegh. Daar gaat de tekst over. Ik nummer de regels zodat je mee kunt puzzelen:

  1. Eertijts hefft men de slûijsen int laagste van den landerijen gelegt
  2. met sûlcken verstande dat se daer altemael naer de Grebslûijs
  3. hebben te regûleren. Nû wordt bevonden dat de Veensteeg
  4. lager legt als het schût. Alsoo dat het waeter van de Segsteegh
  5. naer de Veensteegh loopt dattet in den hoijtijt schade doet enden anderen
  6. verdreuckt. Nû om dit ten deel voor te komen, soo soude men ’t waeter
  7. aen de Seghsteegh tegemoet komen en brengen het selve lângs desel steegh
  8. naer het schût, oft langs de Schamsteegh invoegende als de stippelijn aenwijsen.
  9. Inden hoijtijt soude men een dâmetien onder het schûtzel in letter A leggen.
  10. Vanders aen wat sijde vanden Veensteeg dat men een dametien soude leggen
  11. heeft sijn bedencken.

Enkele verklaringen zodat het lezen (tip: lees hardop) gemakkelijker wordt:

  • verdreuckt: verdrukt, in het nauw drijft, moeilijk maakt?
  • regel 5: Om dit ten dele te voorkomen zou je het water tegemoet kunnen komen.
  • regel 6 en 7: Een idee is om de Seghsteeg aan te sluiten op het Doesburgseschut (en dus te voorkomen dat het water naar de Veensteeg loopt).
  • regel 8: Een tweede idee is om een nieuwe sloot te graven tussen de Schamsteeg en het schut volgens de stippellijn
  • regel 9: en dan leg je in de hooitijd een dammetje in de sloot bij punt A naast het schut om te voorkomen dat het allemans hooiland nat wordt.
  • regel 10 en 11: Want het plan van de mensen bij de Veensteeg om een dam in de sloot te leggen om zo te voorkomen dat het water naar de Veensteeg loopt, is een slecht plan.

Is die sloot langs de stippellijn er ooit gekomen? Ik kijk op de kaarten van topotijdreis van voor de aanleg van de A30 hoe het zit met de stegen, sloten en verkaveling. Ik vermoed van wel.