[Eerste versie 18 februari 2019, herzien 8 november 2020]

In de 16de eeuw begon de grootschalige vervening in Het Binnenveld. Zowel vanaf het zuiden als vanaf het noorden ging men het veen in.

Om veen af te graven moet je het ontwateren, en je moet de turf via kleine, vaak tijdelijke kanalen (wijken genoemd) wegvoeren naar grotere kanalen die aansluiten op bevaarbare beken en rivieren. Vervenen betekent dus niet alleen turf steken en drogen, maar vooral kanalen graven.

Het eerste grotere kanaal dat werd aangelegd was in 1473 de Bisschops Davidsgrift tussen Veenendaal en de Haarsluis (de benedenloop was al vergraven immers). Deze grift werd op Utrechtse grond gelegd, dus ten westen van de Kromme Eem en had als doel turf uit de Rhenense of Stichtse Venen, op het grondgebied van Utrecht dus, af te voeren. De Kromme Eem bleef de provinciegrens en Utrechtse boeren hebben nog eeuwenlang aan de andere kant van de Davidsgrift enkele meters land gehad tot dit in de 20ste eeuw werd weggeruild.

Het waterbeheer in het Binnenveld bij het begin van de vervening.
AHN, bewerking Mathilde 2020

De Davidsgrift werkte niet zoals verwacht en verviel al snel. In 1546 werd hij opgeknapt. Aan het eindpunt werd een ster van wijken gegraven. Die zijn inmiddels allemaal gedempt, maar het stratenpatroon in Veenendaal verraadt de ligging. Het centrale punt heette de Zwaluwstaart en is nu het Zwaaiplein.Vanuit de Zwaluwstaart werden de Rhenense en Gelderse Venen verveend. Daarvoor werden drie wijken (zijkanalen) aangelegd: de Kerkewijk naar het zuiden, De Boveneindse Grift naar de Edese venen in het noordoosten en de Davidsgrift zelf westwaards naar De Haspel. Dit is nu de Zandstraat.

Tot zover de vervening vanuit het zuiden. Nu vanuit het noorden:

Om de Amerongse venen te ontginnen, kreeg in 1549 Gilbert van Schoonbeecke, handelaar uit Antwerpen, toestemming om een grift aan te leggen naar de Eem bij Amersfoort. Deze Schoonbeeksegrift of Schoonderbeekergrift loopt van Amersfoort langs Heiligerberg en Woudenberg naar De Rode Haan. Vanuit deze grift werden de Amerongse Venen verveend.

De twee Griften waren dus oorspronkelijk niet met elkaar verbonden. Maar Van Schoonbeecke was dermate succesvol dat hij ook ander veen opkocht en afvoerde via zijn Grift. Al in 1560 kruiste zijn kanaalstelsel het stelsel van de Davidsgrift bij de Jufferswijk: een verbinding tussen de Rode Haan en de Boveneindse Grift.

Het waterbeheer in het Binnenveld in de 16de eeuw.
AHN, bewerking Mathilde 2020

Maar….

  • de Rijn, ingeklemd tussen dijken die we zelf hebben aangelegd, kwam steeds hoger te liggen;
  • door het veen af te graven werd het Binnenveld steeds lager;
  • door het veen te ontwateren klinkt het in en verteert het waardoor het gebied nog verder daalt.

Even over dat inklinken van veen, nu weer actueel omdat boeren en huizenbouwers een lage grondwaterstand willen en het waterschap inziet dat het steeds weer verlagen van de grondwaterstand een heilloze weg is. Gevaarlijk bovendien: de kans op overstroming wordt steeds groter en de ramp bij een overstroming ook.

Veen dat uitdroogt zakt niet zozeer in elkaar, maar pas op dat moment begint de vertering van het plantenmateriaal. Zolang een paal onder water blijft, rot hij niet immers, en dat geldt ook voor plantenresten in nat veen. Droog veen rookt zichzelf op. Wist je dat de bodem in de veengebieden zo wel 8 meter is gedaald? In Waterland geeft een 6 meter hoge paal de hoogte van het oorspronkelijke veen aan. In Gouderak is een woonwijk sinds de bouw in de 80er jaren 2 meter gezakt. In een tempo van 10 cm per jaar zakt de tuin, de straat en de stoep bij de deur, terwijl je huis, gefundeerd op palen op zand, hoog blijft.

We zijn wel zo trots dat we ons land tegen de zee beschermen, maar we hebben het eerst zelf afgegraven. En laten het nog steeds zelf welbewust verder zakken. Terwijl dit deel van ons land sowieso zakt, maar dat is een ander verhaal. Klinkt niet alsof we erg slim bezig zijn toch?

Nou, dit is dus wat er ook rond Veenendaal gebeurde. Op naar de 17e eeuw toen de situatie onhoudbaar werd.

(ontleend aan Deys, De Gelderse Vallei)