[Eerste versie 6 juli 2019, nieuwe versie 31 oktober 2020.]

Buurschap Doesburg ligt ten noorden van Ede. De noordgrens is de Goorsteeg waarlangs drie rijen beuken staan. Op de foto is Doesburg links. De zuidgrens is de Doesburgerdijk.

Foto van de Goorsteeg.
Foto: Mathilde, 2020.

Het buurschap bezit een oude polder die afwaterde op de Kromme Eem die via Veldhuizen, Maanen, Bennekom en Wageningen naar de Rijn stroomde. Althans dat was de bedoeling, en dat was zo voor de grote vervening. De vervening zorgde voor gigantische waterproblemen in het Binnenveld, en ook de polder van Doesburg had daar last van.

De polder is aangelegd in de 14de eeuw, maar de kaart van Van Geelkercken uit 1655 is de oudste kaart ervan (die ik kan vinden). De kaart is gemaakt in de periode van de vervening in de 16de en 17de eeuw, en toen werkte het niet helemaal meer zoals het ontworpen was. Dat is de reden dat Nicolaes de kaart heeft gemaakt, maar wij kijken door de kaart heen naar de geschiedenis.

De polder in de 14de eeuw

Eerst het oorspronkelijk ontwerp van de polder. De oostelijke helft is de polder. Dit is geen veen, maar een typisch coulissenlandschap met houtwallen: broekgronden. Ten noorden en westen van de polder loopt een sloot. Zo heb ik het ook geleerd in mijn studie, maar dan nog fantasielozer: elke meter weg die je kon besparen moest bespaard worden. Het was een wedstrijd wie de kortste weg kon verzinnen. Ik teken de buurschap met de polder in op de topokaart uit 1854:

Kaart van Doesburg (Ede) in 1854

Rechtsboven stroomt water naar binnen en in het zuiden naar buiten. Laten we eens lezen wat Nicolaes over het water in de polder zegt:

  1. Dese boûrschap van Doûsbûrgh is met root omtrocken
  2. en op de boûlanden sijn hûijsen geteijckent ende de leege landen
  3. sijn met groen afgetrocken waerdoor dat men sporen kan
  4. waer de waetertochten loopen, aller op de platze aengeteijckent.
  5. Sal men bevinden dat dit Doûsbûrgh twee waeterlossinge heefft te weeten een van
  6. nattûijren door het Stijfft Uijttrecht en de andere doer haer
  7. schût, het welcke met eenen rechten dijck van het Kernhemse veldeken
  8. tot Veltiens graeff is affgeteijckent.
  9. Anno 1655 7 Julij N. van Geelkerk.

In het kort: De Buurtschap Doesburg is met een rode rand aangegeven, op de hogere bouwlanden staan huizen, de lage landen zijn groen gekleurd. Zo kun je zien waar de watergangen lopen. Doesburg heeft twee waterlossingen: een natuurlijke richting Utrecht en een bij het Doesburgerschut.

De waterlossing richting Utrecht ligt bij het Monnikenschut in de Slaperdijk, dat is dus van later tijd. Toen de polder werd ontworpen, loste hij door het Doesburgerschut aan de zuidkant, zie blauwe pijl op de topokaart.

De Kromme Eem

Bijzonder is dat er in de noordoosthoek van de polder een beek de polder in gaat. Dat hebben niet veel polders. Die wordt ten noorden en westen langs de polder geleid, maar probeert in 1655 eigenwijs het midden van de polder weer op te zoeken: blijkbaar stroomde de beek oorspronkelijk dwars door het land van de polder en is hij omgeleid. Water gaat waar het zelf wil: altijd door het laagste punt. Mijn hypothese is dat dit het begin van de Kromme Eem is. Deze Kromme Eem is omgeleid rond de Doesburgse polder. Het Doesburgerschut aan de zuidkant van de polder zal in de natuurlijke bedding van de Kromme Eem liggen: poldertechnisch ligt het op een rare plek, dus de reden is vast waterbouwkundig: het laagste punt, de loop van de Kromme Eem dus. Waar komt dit water vandaan? Ik zoom in:

Detail van kaart uit 1655

Dit is de NO punt van de polder. Het noorden is rechts. Onderaan het begin van de heuvels van de stuwwal. Hier staan drie huizen bij elkaar, daar woont Jan Geretsen. De overige teksten: voetpat, (den Hogen Wegh van Eeede naer Dousburgh en) Luntteren, de Hûl, Hoogesteegh en Betrumer vonder. Hoog-Beetrum is een prachtige boerderij langs de Lunterseweg en volgens de lijst met monumenten is die gebouwd in de 17de eeuw: die kende Van Geelkercken al! Hij ligt wel een kilometer zuidelijker dan de Goorsteeg.

Bij het huis van Jan Gerritsen begon dus een beek en die ging met een heul onder de Hooge Wegh door naar de polder. Bij Hoog-Beetrum lag vroeger een duiker onder de weg, en in het verlengde ligt een erosiedal in de stuwwal, maar dat zal een droogdal zijn. Iets ten noorden hiervan ligt het buurschap De Veentjes: dat is een klein hoogveengebiedje, en dat zal hierop afgewaterd hebben. Dan is het Lunters water wat door Doesburg moest worden afgevoerd, en vandaar de heulen. De oorspronkelijke loop van de Kromme Eem is in mist gehuld, maar ik vermoed dat ik een draadje te pakken heb.

Het Doesburgerschut

Waar lag nou dat Doesburgerschut? Dat is te zien op mijn tekening van het buurschap op het AHN:

De buurschap Doesburgh op het AHN.
AHN, bewerking Mathilde 2020

Dat is dus ten westen van de A30. Op de topografische kaart:

Het Doesburgerschut in 2019
Topotijdreis 2019, bewerking Mathilde 2020

Ik ben daar een keer heen gefietst maar twijfel wel: lag hij niet iets westelijker? Ik ben er niet uit.

Streetview zuidwesthoek Doesburgerpolder
Google Streetview

Google Streetview Doesburgerdijk
Google Streetview

En dan buigt hij af naar het zuiden. Volgens mij heeft hier het Doesburgerschut gelegen. Een bankje met een informatiebordje erbij lijkt me passend. Fietsers passeren me en niemand ziet niks natuurlijk. Maar ik vind het kicken.

Foto van het verdwenen Doesburgerschut.
Foto Mathilde 2020

De polder in de 17de eeuw

De kaart uit 1655 is gemaakt door Nicolaes van Geelkercken, maar niet te vinden onder zijn naam bij het Gelders Archief, omdat hij hier zijn naam als Geelkerck spelt. Archivarissen zijn heel precies en nemen zo’n spelfout gewoon over. Lastig hoor, maar ik heb hem en jij nu ook.

Kaart van Buurschap Doesburg (Ede) uit 1655. GA 5476-1665-79
GA 0124: 5476-1665-97

Als je de link onder de kaart volgt, kun je inzoomen en met me meekijken. De kaart lijkt superduidelijk. Ik leg hem dus argeloos op de huidige topografische kaart, maar zo eenvoudig is het niet. Ik pak de topokaart van 1854 erbij en teken de kaart na. Let op: op de kaart is het noorden rechts, op de topokaart hieronder is het noorden boven. Er klopt helemaal niets van de afstanden en hoeken. Nicolaes tekent het gebied van Dousburgh als een keurige rechthoek met verhouding 3:4. Op de topokaart is het ten eerste geen rechthoek en ten tweede veel langgerekter.

Buurschap Doesburg (Ede) op kaart uit 1854
Bron: topotijdreis 1854, bewerking Mathilde, 2020

Nicolaes deelt het buurschap in twee stukken in. Het westen is veen, het oosten is de Doesburgerpolder. Op de topografische kaart uit 1854 is het buurschap in drie delen verdeeld, en vreemd genoeg lijken die oude toponiemen in 1854 meer de werkelijkheid van de 14de eeuw te weerspiegelen dan de kaart uit 1655. Van west naar oost staat in 1854 aangegeven: het Achterveen, het Doesburgerveen en de Doesburgerpolder.

Het veen

Het westelijke deel was dus veen, van oost naar west Het Doesburgerveen en het Achterveen. Hier waren in de 14de eeuw geen huizen, geen wegen, geen akkers en geen sloten. Maar in de tijd van Nicolaes was dat anders: toen was men al zo’n 100 jaar aan het vervenen, en dat zie je op zijn kaart.

Van Geelkercken gooit de venen op een hoop en maakt er een vierkant van. Hij tekent de gevolgen van de vervening in het westelijke deel: wegen en boerderijen. Hij tekent bij boerderij Esveld een weg het veen in maar nog niet verder. In 2020 is Esveldsweg de Hoofdweg dwars door Ederveen. (Of niet, Jan zegt terecht dat er even ten oosten van de Esveldsweg een oud dijkje ligt parallel aan de weg. Was dit het dijkje naar Esveld? Maar dan tekent Nicolaes de ligging fout.) Esveld is nu een bekende familienaam in Ederveen.

Hij tekent een deel groen en een deel geel. In het gele deel tekent hij boerderijen en wegen, in het groene deel niet. Kortom: het gele deel is al verveend en inmiddels als landbouwgrond in gebruik. Dat kun je mooi zien!

Interessant is dat Nicolaes allerhande waterproblemen tekent. Hij tekent overstroomde velden en hij doet suggesties ter verbetering. Die wateroverlast is volgens mij veroorzaakt door het afgraven van het veen en de bijbehorende ontwatering. Daar heb ik uitgebreid over geschreven in andere stukken. In elk geval, het westelijke deel van de buurschap dat inmiddels verveend was en waar inmiddels landbouw werd bedreven, onder andere door Esveld, kon zijn water niet kwijt door het zakken van het land. Nicolaes beveelt onder andere aan de Munnikensloot te graven en daar een schut te leggen. Dat is ook gebeurd, en dat schut ligt er nog. Ook dat is een ander verhaal.