Bij Soest liggen rond twee buitenbochten van de Eem de Kleine en de Grote Melm, twee plekken met een lange geschiedenis.
Podcast

De Grote Melm was eens een overslaghaven, belangrijk in een tijd dat dieper liggende schepen vanaf de Zuiderzee tot de Grote Melm getrokken konden worden, maar niet verder naar Amersfoort. Daarvoor was blijkbaar verder bovenstrooms, naar Amersfoort toe dus, de Eem te ondiep, of een andere reden, whatever.
Bij de Grote Melm werden de goederen overgeslagen op platbodems en verder getrokken naar Amersfoort. Het was er een drukte van belang; er ontstond een haven en een nederzetting.
Melm betekent droge aarde of doorwaadbare plaats. Eerst een doorwaadbare plaats, later kwam er een veerpont: daarvan ken ik meer voorbeelden. Maar het is raar: de combinatie doorwaadbare plaats en haven is onlogisch. Een haven heeft diepte nodig. De Grote Melm ligt rondom de buitenbocht, en dat is juist wel logisch voor een haven, want de oever in de buitenbocht is steil en hoog en het water daar is diep. Perfecte plek voor een haven dus. Een hoge steile buitenbocht is geen logische plek voor een doorwaadbare plaats.

Op de geomorfologische kaart zien we dat het een dekzandrug is. Aan de overkant ligt er ook een (gele vlek).

Wat me ook verwondert, is dat er verder bovenstrooms, dus dichterbij Amersfoort, in een vergelijkbare bocht een Kleine Melm ligt. Het kan zijn dat deze naam eenvoudigweg is ingegeven omdat de bocht er hetzelfde uitziet: een hoge droge buitenbocht. Ook daar was vroeger een veerpont. Nog een doorwaadbare plaats? Of nog een hoge buitenbocht waar je schepen aan kon meren?

Op de kaart van het Gooi uit 1525 staat de Eem ingetekend. Tussen Baarn en Soest liggen stapels turf langs de Eem opgeslagen te wachten op de turfschepen. Er lopen daar twee wegen naar de Eem, en vergelijken van het wegenpatroon met andere kaarten (topotijdreis) maakt duidelijk dat ze beide naar de Grote Melm gaan. De Kleine Melm staat niet op deze kaart. Hier een goed leesbare kopie van de oude kaart : bovenaan, die zwarte vlekken zijn turf. De bochten van de twee Melmen zijn niet ingetekend.

Geen spoor dat er bij de Grote Melm een doorwaadbare plek zou zijn: de weg loopt aan de overkant niet door.

Sommigen denken dat aan de overkant van de Grote Melm in een ver verleden kasteel Hamelenburg stond. Het zou daar hoog en droog op de dekzandrug hebben gestaan, een logische plek. Maar het verhaal van het kasteel is wel in nevelen gehuld. Op de kaart uit 1525 geen spoor van kasteel Hamelenburg. Dat versterkt het verhaal niet echt.
Op topotijdreis zie ik dat de weg naar de Grote Melm vroeger de Molenweg werd genoemd. Maar er is geen molen te bekennen: verbastering van Melmweg? Ha, en de weg naar de Kleine Melm dus de Kleine Molenweg. Dat is wel humor.

1476
In het Utrechts Archief, het plakkaatboek van de Bisschoppen van Utrecht, vind ik een plakkaat uit 1476 van de Bisschop van Utrecht David van Bourgondiรซ. Voor premium abonnees voeg ik mijn transcriptie van de tekst toe. Er wordt in meerdere artikelen en boeken naar dit plakkaat verwezen, maar zonder vindplaats en ik vond het lastig het te vinden – eigenlijk was ik op zoek naar een ander plakkaat maar zo gaat dat: ik vind waar ik niet naar op zoek ben.
De Melm wordt niet genoemd, maar Soest en de Eem wel. Soestenaren hebben langs de oever getimmerd, en hoewel ze daarvoor geen toestemming hadden gevraagd, vind de Bisschop het best dat ze daarmee doorgaan. Ook mogen ze turf ter schepe laden – een haven exploiteren dus om hun eigen turf te verhandelen. Dat zal Amersfoort niet leuk gevonden hebben – ze kregen er een geduchte concurrent bij.
Premium inhoud
Premium abonnees zien hier de transcriptie
Verder met het openbare blog.
Hier twee screenshots van de teksten die ik voor dit stukje getranscribeerd heb.
Dit is een deel van de inhoudsopgave. Je moet rechts de derde alinea hebben die begint met een 6 (dat is een b). Folio CLXV: Belieft den baeren tot Zoes zij sekre landen bij heren bevredet moegen houden ende vanden werff hoeren torff te schepen aen die Eme.

Dit is het stuk, dat begint na de ingesprongen alinea (waarin de samenvatting uit de inhoudsopgave wordt herhaald – met wat spellingverschillen). Wat een prachtig handschrift.

En nu?
Op de foto zie je bomen langs het water van de Grote Melm; achter de bomen ligt de afgesneden bocht van de Eem.

Het is tegenwoordig een kleine gemeenschap van vooral toeristische huizen. De veerpont is verdwenen. De Kleine Melm ligt er nog net zo als vroeger. De turfschepen zijn vervangen door kajaks. Rond 1980 werd de bocht in de Eem bij de Grote Melm afgesneden; het land in de binnenbocht aan de overkant is nu een eiland en in bezit van Natuurmonumenten. De Grote Melm ligt dus niet meer aan de Eem, maar de Kleine Melm nog wel. Hier kun je in de buitenbocht nog altijd aanmeren. Ze verhuren er kajaks.


Bij de Kleine Melm liggen de werken van de Grebbelinie er nog net zo.




Dag Mathilde,
dank voor wederom een mooi artikel. Ik lees over ‘kasteel Hamelenburg’. Er heeft wel degelijk een woontoren van de Heren van Gaasbeek gestaan, maar dan een kilometer landinwaarts (ten NNO van de Hamelenberg). Zie mijn artikel “Twee Huizen aan de Overkant. Ontdekking van twee middeleeuwse omgrachte woonsteden op de rechteroever van de Eem bij Baarn” in de kastelenbundel ‘Zij waren van groote en zware steenen’ (SPA uitgevers: https://spa-uitgevers.biedmeer.nl/Webwinkel-Product-399023261/Zij-waren-van-groote-en-zware-steenen.html ).
Met hartelijke groet,
Ruud Raats
Ooh wat interessant! Dank voor de link.