Het Apeldoorns kanaal begint in Dieren en eindigt bij Hattem: het begin- en eindpunt is dus beide in de IJsel. [Anderen schrijven IJssel, maar ik blijf IJsel schrijven ter onderscheid van de Hollandse IJssel. Supereigenwijs ja]. Het water stroomt niet van nature door het kanaal: van nature blijft het door de IJsel stromen. Als de kanaalbouwers niet iets slims bedacht hadden, had het middendeel van het kanaal bij Apeldoorn droog gestaan. Vaak wordt dit met stuwen opgelost, maar niet in het Apeldoorns kanaal. Ze hadden iets anders bedacht: sprengen

Drie grote sprengen voorzien het kanaal van water. Nou is dit sowieso al sprengengebied, dus het valt een argeloze wandelaar misschien niet eens op. Maar bij beter kijken zie je echt wel het verschil: deze drie sprengen zijn veel dieper en kaarsrecht dan de middeleeuwse sprengen die bewoners hebben gegraven voor hun watermolens.

In Apeldoorn ligt de Zwaanspreng (genoemd naar cafe De Zwaan en niet naar de vorm die ik op een zwaan vind lijken). Op de volgende AHN-uitsnede zie je rechts in het wit het kanaal, en links twee grote sprengenstelsels. Die stromen samen in het kanaal. De zuidelijke die bij Dennenheuvel begint is de Zwaanspreng.

Twee foto’s van de Zwaanspreng in Apeldoorn:

De Zwaanspreng in Apeldoorn
Google Streetview
De Zwaanspreng in Apeldoorn
Google Streetview

De volgende ligt bij Oosterhuizen bij Lieren en is de Oosterhuizerspreng:

Je ziet het kanaal, de A50 en rechtsonder de Albaplas. Tussen dat meer en de A50 ligt de Oosterhuizerspreng.

Foto’s van de Oosterhuizerspreng, met schotbalkstuwtje en balkenhuisje ernaast:

De Oosterhuizerspreng
Foto Mathilde 2021
Stuwtje in de Oosterhuizerspreng
Foto Mathilde 2021
Schotbalkstuwhuisje
Foto Mathilde 2021

De derde is bij wandelaars en toeristen het bekendst: de Vrijerbergerspreng. Hierin liggen immers de grote en de kleine Loenense waterval die meer dan 10 meter overbrugt via 6 trappen.

Het benedenstroomse deel hiervan heet de Veldhuizerspreng: dat bestond namelijk al toen de Vrijerbergerspreng werd gegraven.

 topboektip: Geschiedenis van het Apeldoorns Kanaal