Een uitgestoven laagte is een laagte die ontstaan is doordat de wind al het zand wegstoof. Een uitgestoven laagte ligt dan ook typisch ten zuidwesten van een stuifzandgebied. Een stuifzandgebied, uitgestoven laagte en duinen horen bij elkaar. Samen vormen ze vaak een ei. Ik noem dat een stuifei, anderen een stuifcel. Hier zie je een aantal van die eieren: blauw zijn de uitgestoven laagtes, het zand is geel, de hoogste duinen zijn bruin. Aan de noordoostkant wordt elk ei afgesloten door een kamduin. Dit is wel een supervoorbeeld hoor, kan zo in een leerboek.

Stuifzandeieren in het Ginkelse Zand

Keienvloertje

De bodem in een uitgestoven laagte is vaak niet zo best. In een uitgestoven laagte bij het Mosselsezand groeien wat armzalige berken; voor dennenbos was dit stuk niet geschikt. Een korstmossenvlakte noemen ecologen dit.

Het stuiven houdt van nature op als er een keienvloertje is gevormd. Dat vergt uitleg. In de vlakte (voor het stuiven begint) ligt fijn en grover zand tot soms grind door elkaar. De wind stuift het fijnste zand uit. Het grovere zand en het grind blijft liggen en zakken naar beneden tot ze het fijne zand afdekken en beschermen tegen verdere uitstuiving. Dat is in de vlakte hierboven gebeurd. Vandaar de beroerde grond: de vruchtbaarheid is weggeblazen.

Het Leersumseveld

Een tweede moment dat het stuiven van nature ophoudt kunnen we bijvoorbeeld op het Leersumseveld zien.

Leersumse Veld detail

|Het zijn drie vennen ten noorden van de Utrechtse Heuvelrug. Volgens een site zijn de plassen misschien wel oude stroomdalen van de Rijn. Nou dat slaat nergens op, want sinds het ontstaan van de stuwwallen heeft de Rijn nooit meer door de Gelderse Vallei gelopen. Staatbosbeheer, toch niet de minste, stelt ‘Ontbossing en overbeweiding hebben in de loop van eeuwen de grond uitgeput. Het Leersumse Veld werd een gebied van stuifzand en heide, die op natte plaatsen ging vervenen.’  Nou dat slaat ook al nergens op, want als in 1500 de groei van veen is begonnen, ligt er in 1800 hoogstens een decimeter veen en dat zou men echt niet hebben afgegraven; bovendien is het niet in overeenstemming met hoe veen groeit. Het veen moet duizenden jaren oud zijn, natuurlijke processen gaan niet zo snel. Een derde site heeft een logischer verhaal: in de laatste ijstijd, toen het hier net Siberië was, heeft de wind het aanwezige dekzand uitgeblazen tot op het grondwater. Dat klinkt beter.

Hier dan mijn verhaal: in de voorlaatste ijstijd, het Saalien, lag ijs in de Gelderse Vallei en zijn de stuwwallen opgestuwd. In de laatste ijstijd, het Weichselien, werd het hier een kale poolwoestijn, en kreeg de wind vrij spel. De wind blies zandvlaktes uit en stoof duinen op. Uiteraard blijft nat zand liggen, dus zodra al het droge zand weg is geblazen, houdt het verder op. Het Leersumse Veld is zo’n uitgestoven laagte. Op de iets hogere droge delen groeide bos en hei, in de lagere natte delen waterplanten en veenmos en daar ontstond een veenkussen. In de achttiende eeuw werd deze dikke laag veen afgegraven voor turf, en zo ontstonden de drie Leersumse plassen.

foto ik
ik

boek met inspiratie voor wandelen bij Leersum: Dwarsdoorjehartpad