In 1656 wil een projectontwikkelaar twee percelen op het Renkumse Veld ontginnen. Boeren hebben bezwaren maar privébelang wint. Kijk en lees met me mee.
English podcast
De projectontwikkelaar heette Van Langemack. Hij heeft twee velden op het oog: het ene tegen de oostgrens van het Renkumse Veld en het andere bij het beekdal. Laten we ze respectievelijk Veld Oost en Veld West noemen. Boeren hadden bezwaar gemaakt dat iemand van buiten die percelen privé zou gebruiken: ze waren tot dan toe in gemeenschappelijk gebruik om schapen te hoeden en om turf te halen. Privébelang tegenover gemeenschappelijk belang.
Twee commissarissen van de Rekenkamer uit Arnhem gaan kijken, lopen rond en praten met voorstanders, tegenstanders en boeren die in het gebied aan het werk zijn.
De tegenstanders brengen in dat de heer Van Langemack de velden niet met palen heeft afgebakend, maar met kuilen. Die kuilen zijn van verre niet te zien, dus men kon niet inschatten welk land nou precies onttrokken zou worden aan het gemeenschappelijk gebruik.
De voorstanders brengen in dat je best hoeden of neusdoeken (dat is een beter woord dan zakdoeken) kunt opsteken en zo elkaar kunt zien.
De heren lopen de twee velden af en praten ook met boeren die daar in het Turfdal bij Quadenoord turf aan het steken zijn. Maar de boeren zijn geen advocaten of politici en niet gehaaid genoeg tijdens het gesprek met de heren. Zo zeggen ze dat ze die turf ook wel elders kunnen halen hoor, zo bijzonder was die turf niet. Het waren maar schadden, zeggen ze. Schadden zijn heideplaggen met veen erin – armeluisturf dus.
De commissarissen maken een verslag en de Rekenkamer besluit dat Van Langemack zijn gang mag gaan. Privébelang heeft gewonnen, de twee velden worden ontgonnen.
Het openbare blog gaat verder onder de premium inhoud.
Premium inhoud
Premium abonnee worden? Dan steun je dit blog enorm en je krijgt er ook nog wat voor terug.
Voordelen voor premium abonnees:
- je steunt mij en mijn blog enorm: niet alleen financieel (dit blog draait op een duur abonnement in wordpress), maar het is gewoon heel erg leuk dat er mensen zijn die dit blog zo waarderen dat ze er geld voor over hebben.
- je krijgt elke twee weken een extraatje, zoals:
- de transcriptie van teksten op een kaart;
- een transcriptie van een archiefstuk over landschap;
- een fietsroute.
De kaart
Bij dit verslag van de commissarissen hoort deze prachtige kaart, gemaakt door Jan van Call uit 1656.

Ik vind het net een hand met teveel vingers die in de grond steken. De duim is rechts. Het noorden is links.
De kaart is 65 *145 cm groot. Jan van Call was horlogemaker uit Nijmegen, en staat niet vermeld in het Grote Boek van geadmitteerde landmeters. Hij ondertekent wel met ‘gezworen landmeter’. Hoe dan ook, het is een fantastische kaart die naadloos op een topografische kaart gelegd kan worden, behalve rechtsonder waar zijn papier blijkbaar te kort was.
We zien hier het Renkums Veld dus. Onderaan stroomt van links naar rechts de Hartensebeek in het Renkums Beekdal. Rechtsboven zie je een deel van de Heelsumsebeek. Waar de rode weg het beekdal oversteekt, doen wij dat nog steeds. Het roze land in de hoek rechtsonder was toen de Renkumse enk en is nu de bebouwde kom – heb je wel eens beseft dat we juist de beste landbouwgronden hebben omgezet in woonwijk?
Met deze kaart kun je je uren vermaken. Wegen, huizen, eigenaren, walletjes: van alles staat er op zoals je dat van een horlogemaker kunt verwachten. Hij tekent zandkleppen ‘hier zet men immen’, kolkjes, sluisjes, de plaats waar de Hartense kapel had gestaan, de voormalige kerk van Renkum, papiermolens, het klooster van Renkum, oude wegen en nog veel meer.
Van Call tekent opvallend acht dalen ; hij geeft sommige zelfs een naam. Die tussen de ‘duim’ en de ‘vingers’ noemt hij het Maetschedell, nu noemen we dat het Fluitermaatsedal dat midden door Renkum loopt. Ook noemt hij het Quaijenoortschedell en het Paelbergschedell.
NB: Ik lees vaak dat dit droogdalen zouden zijn, dus ontstaan door smeltende sneeuw in het Weichselien, zijn, maar dat denk ik niet. Volgens mij zijn ze ontstaan in het Saalien gelijk met de sandr en het Renkums Beekdal zelf.
Meer lezen over dit gebied? Lees de Sandr van Wolfheze over de kom tussen de vier stuwwallen van Ede, Reemst, Apeldoorn en Arnhem, met daarin het Renkums Beekdal en het Heelsums Beekdal. Of lees de Serie Het Merckendal waarin we alle zijdalen in het stroomgebied van de Heelsumsebeek in detail bekijken.
De kaart is sinds kort gratis digitaal te bekijken bij het Nationaal Archief. Dus volg de link (als hij niet rechtstreeks naar de kaart leidt: nummer 4108) en geniet ervan.
En die twee velden van Van Langemack, hoe zit dat nu?
Hij omlijnt de twee velden die Van Langemack wil ontginnen met rood. Wel jammer dat hij nou net niet het Turfdel noemt die wel in het stuk wordt genoemd – althans, een plek waar boeren graven naar turf. Van een kaart van Van Geelkercken leren we dat het Turfdel inderdaad in Veld West uitkomt in de beek;
Zijn de twee velden nu nog herkenbaar? Jazeker! Veld Oost is de huidige Jonkershoeve, en Veld West is een deel van camping Quadenoord. In 1882 lagen ze er zo bij (de uitsnede moet je een kwartslag naar links draaien). Veld Oost tekent Van Call iets groter dan de Jonkershoeve, maar de vorm is onmiskenbaar hetzelfde. Veld West is het bos langs de beek.

Ongelooflijk!


Geachte Mathilde,
Ik ben bezig met een publicatie over de Wageningse steenfabrieken en wil een foto van Mathilde van Steenfabriek de Blauwe Kamer gebruiken als illustratie, uiteraard met verwijzing naar Mathilde.
Kan ik dat met jullie goedkeuring doen? Graag ook de achternaam van Mathilde.
Met vriendelijke groet,
Henri Burgers
Met vr
Als je de grote foto bedoelt die aan de hand hing in het bezoekerscentrum, dan weet ik wel waar die is. Die foto is gered hoor.