Dit is de oudste kaart van het domeinbos op de Moft. De kaart is gemaakt door Thomas Witteroos in 1570. De Moft is de heuvelrug tussen Ede, Bennekom, Wageningen en Renkum en een groot deel daarvan was privebezit van de Hertog van Gelre.

Thomas Witteroos was karteerder, landmeter maar vooral schilder. Het deel linksboven met de stad Wageningen is schitterend getekend. Zijn kaarten zijn niet altijd even nauwkeurig, maar wel prachtig.
De kaart is 59 bij 145 cm groot en gemaakt op perkament. Je ziet de genaaide naden lopen. Het domein is groen, de omgeving is ongekleurd. Groen is niet perse bos: het domein was deels heideveld, en buiten het domein liggen ook bossen. De kleur geeft alleen het eigendom aan.
Aan de westkant liggen de enken van Wageningen, Bennekom en Maanen. Aan de oostkant de enken van Harten en Renkum. Aan de noordoostkant het Ginkelseveld. Ten zuiden van het domein liggen bossen van het Convent van Renkum. Waar het klif ligt van de Wageningse berg is op deze kaart niet te zien.
In de zuidwesthoek tekent hij de Munckenkuijl. Wat dat voor kuil geweest mag zijn, is voorlopig duister. De kuil ligt aan de Wech van Waegeninghen nae Aernhem; dat is de Oude Bovenweg die tussen het klif en de huidige N225 doorliep.
Langs de Zoomweg lagen particuliere bossen: In het zuidwesten de Sallantsche Hegge, toebehoerende den Drossert van Waegeningen. En een eindje verder naar het noorden Dese Heetvelden ofte lant wil bechrensen Wolter Francken mette boemen en aansluitend Den Hongercamp toebehoerende den Drossert van Waegheningen.
De westgrens loopt grotendeels langs Die Wiltgraeff. De noordgrens ligt langs een weg waarover Thomas schrijft: Dese wech coempt van Aernhem ende loopt nae Eede. Bij de Ginckel tot aan de beek is de grens onduidelijk: geen wildgraaf, geen weg. Het domein, hier ver van de bewoonde wereld, ging zonder duidelijke grens over in het gebied van De Ginkel. Thomas schrijft: Het Ginckelsche Velt dwelck die van Ginckel gebruijcken voor haer gemient als eijgen goet. Nu is dit de driehoek tussen het spoor, de beek en de Bosbeekweg.
In de zuidoosthoek tekent hij een Boom in questie, en in een andere handschrift (van Nicolaes van Geelkercken) staat er vervolgens Out Graefken dienende tot gescheit. Hierlangs een walletje dat even verder naar het zuiden afbuigt. Dit lijkt allemaal superveel op de kaart van Gielis uit 1550 , van 20 jaar eerder dus. Was hier nog altijd, 20 jaar later, heibel over? Ook toen al duurden processen lang. Bij de boom in questie tekent hij onmiskenbaar een wilg begroeid met klimop.

De dichtheid van het bos geeft hij aan met het aantal boompjes. Aan de westrand is het domein heideveld en heeft men schaapschutten gebouwd. Dat is dan meteen de reden dat Witteroos deze kaart moest maken: de Rekenkamer die het domein beheerde wilde het beter gaan beheren als bos. Een goede kaart hoort daarbij.
De kaart is niet zo nauwkeurig, want het is een plakkaart. Ter voorbereiding had hij van elke hegge (eikenhakhoutbos) afzonderlijk een kaart gemaakt, en vervolgens heeft hij deze overzichtskaart gemaakt die laat zien hoe de heggen ten opzichte van elkaar liggen.
Rondom het bos staan scheibomen. Is dat handig, om een bos af te bakenen met bomen? Ja hoor: het bos zelf was hakhoutbos en dat werd elke tiental jaren afgehakt. De scheibomen natuurlijk niet. Witteroos zet in elk perceel (hegge) het jaartal van de volgende hakbeurt.
En nu, 450 jaar na dato? Het bos ligt er nog net zo en is nu heerlijk wandelgebied.
Meer bijzondere oude kaarten van de Nederveluwe
Premium inhoud
Voor premium abonnees heb ik iets bijzonders: een overzicht van alle heggen op deze kaart plus een artikel dat we hebben gepubliceerd hierover.
Premium abonnee worden? Dan help je me enorm. Maar je krijgt er ook wat voor terug:
Voordelen voor premium abonnees:
- je steunt mij en mijn blog enorm: niet alleen financieel (dit blog draait op een duur abonnement in wordpress), maar het is gewoon heel erg leuk dat er mensen zijn die dit blog zo waarderen dat ze er geld voor over hebben.
- je krijgt elke twee weken een extraatje, zoals:
- de transcriptie van teksten op een kaart;
- een transcriptie van een archiefstuk over landschap;
- een fietsroute.


Heel interessant. Je hebt een goudmijn aangeboord in het archief. Hoeveel mensen zouden hier ooit zelf mee aan de slag gaan. Vriendelijke groet Raymond Horstman
Dank je wel! Ik heb overigens geen idee of elke provincie zo’n goed ontsloten archief heeft, of dat alleen Gelderland al die kaarten digitaal heeft ontsloten. Maar inderdaad, het is een goudmijn.
Je hebt het over een klif. Maar kliffen zijn toch steenachtig (rots)? Er was een kapel op
Harten, maar ik deel niet jouw veronderstelling dat dit Quadenoord was. Wageningen is ontstaan op de Wageningse Berg, en er was een kruisweg annex bedevaart, zie http://www.wikiwageningen750.nl/de-kerk-van-st-jan-de-doper/ Of die kruisweg de huidige Gen. Foulkesweg was waag ik te betwijfelen. Die kruisweg is ingetekend door Jacob van Deventer,, zie o.a. Deys pag. 65 en Gelders Archief nr. 44.
Hoi, Jan, dank weer voor je reactie. Klif: Van Geelkercken noemt het op zijn kaart Clifft, in de wandelgidsen over Arnhem en omstreken en over Doorwerth wordt ook het woord klif gebruikt. Ik bedoel niet te zeggen dat de Kapel op Harten Quadenoord is. Witteroos schrijft Hartense cappel bij een huis dat op de plek ligt waar nu Quadenoord ligt, en volgens mij lag de cappel ergens anders. De kruisweg staat inderdaad ook op de Van Deventerkaart, jij denkt niet dat het de huidige Generaal Foulkesweg is? Het klopt wel met de richtingen van de wegen, de poort en de oude kerk op de berg.
Klif(t) is inderdaad in het WNT te vinden in de betekenis “steilrand” bij rivieren. Weer wat geleerd. De Hartense Kapel lag volgens Geelkerkcken e.a. halverweg het dorp Renkum en Quadenoord. De Kruisweg liep volgens mj vanaf de oostpport van Wageningen langs de molen, dus meer noordelijk. NAbij de Diedenweg ging men dan linkksaf richting de kapel op de Westberg. Wat we Kruisweg noemen liep door op Renkum. De Gen. Foulkesweg is m.i. van latere datum dan de Kruisweg
De kruisweg begon inderdaad bij de Bergpoort, d.i. de oostpoort, maar niet naar de huidige molen, denk ik. Aan de generaal Foulkesweg lag ook een molen, tot in de 80-er jaren stond er nog een molenstomp. Bij de Rode Beuk, naast het Joods Kerkhof. Op de kaart van Witteroos staat de molen echter nog dichter bij de stad, naast de Veerweg.
Dag Mathilde. Een leuke invitatie, dank. Ik schrijf in de eerste plaats voor mijn eigen sites erfgoedede.nl en oud-ede-zuid.nl. Maar bij gelegenheid wil ik ook best wel voor jouw blog schrijven. Ik ben alleen niet zo’n kaartenexpert als jij. Misschien is het handig als je me een e-mail stuurt dan kunnen we via e-mail werken, dat is toch wat directer.
Over de kleuren op de kaart: ik denk dat Witteroos die gebruikte om de kaart wat op te fleuren, maar dat ze verder geen betekenis hadden. De omgeving zal bewust niet ingekleurd zijn om duidelijk te maken wat het onderwerp van de kaart was. Dat op de Wageningse Berg een gelig groen gebruikt werd heeft niets te maken met het feit dat daar zandgrond ligt. Het hele Moftbos ligt op zandgrond van de Westveluwsche stuwwal.
Een schut (of schot) is inderdaad een schaapskooi. En dat waren potstallen, t.b.v. de mestproductie. Bescherming tegen wolven en dieven was niet het doel van een schaapskooi.
“De bosmeester van Gelre”? ’t Zal een scheuter (zie “schut”) zijn geweest. Kwam een herder met zijn schapen in het bos (jong hakhout vinden ook schapen zeer smakelijk) dan werden de schapen geschut. De herder was veelal niet de eigenaar, de boer van wie de schapen waren kon ze tegen betaling van het schutgeld (plus vaak ook nog een boete) terugkrijgen. Zo’n scheuter moest zijn eigen inkomen verdienen door actief overtreders op te sporen.
Die schutten bij Wageningen zijn ingetekend in het bos. In Bennekom en Maanen waren er ook schutten, maar die stonden of net buiten het bos, of bij de boerderijen op de engen. Dat daar, voorbij de wildwal, schaapskooien stonden duidt er op dat ter plekke geen hakhoutbos (“hegge”) stond, maar hei. Er zijn immers ook geen boompjes ingetekend. Wel is er sprake van de “Meibergh”, en dat duidt op (voormalig) bezit van de Wageningse buurschappen.
Ik zoek je e-mailadres op. En ik vind het juist goed als schrijvers een verschillende inbreng hebben.