Hoe verzint iemand het om een kanobaan op het Leersumse Veld aan te leggen. Marinus Cornelis Verloop verzon dat. Lees met me mee.
Ontstaan van de Leersumse Plassen
In het Leersumse Veld liggen drie vennen aan de voet van de Utrechtse Heuvelrug. In de verre omtrek is geen water te vinden, en ze zijn minder dan een meter diep. Hoe komt dat water hier? En hier lag dus 100 jaar geleden een kanobaan. Kijk met me mee.

Ze zijn ondiep, en de grond is veen, dat is me duidelijk, maar waarom hier?

Hier dan mijn verhaal: in de voorlaatste ijstijd, het Saalien, heeft het ijs in de Gelderse Vallei de stuwwallen opgestuwd. In de laatste ijstijd, het Weichselien, was het hier een kale poolwoestijn, en kreeg de wind vrij spel. De wind stoof duinen op en blies vlaktes uit. Uiteraard blijft nat zand liggen, dus zodra al het droge zand weg is geblazen en het grondwater wordt bereikt, houdt het stuiven op. Het Leersumse Veld is zo’n uitblazingskom. Dus het water is grondwater, maar dan wel op een ondoordringbare laag: een schijngrondwaterspiegel noemen we dat. Onder die ondoordringbare laag zit dan weer een droge laag en daaronder zit het echte grondwater. Die ondoordringbare laag is belangrijk om water in de plassen te houden. Op de iets hogere droge delen groeide bos en hei, in de lagere natte delen waterplanten en veenmos en daar ontstond veen.
Op de volgende uitsnede zie je bovenaan de vennen liggen: dat wil zeggen, de twee oostelijke vennen, ven 2 en 3. De linker is deels droog en de oorzaak daarvan komt zo.

Turf
In 1771 begon men het veen uit te baggeren voor turf en ontstonden de drie Leersumse plassen.
De drie plassen worden genummerd van west naar oost, ik vermoed omdat in het westen de ingang van het gebied is.

Pretpark
Maar nou die kanobaan. Toen al het turf op was, zat de gemeente met een stuk van 80 ha waardeloze grond in de maag. Marinus Cornelis Verloop kocht het voor 20.000 gulden. Rond de eerste plas maakte hij een kanobaan. Leuk voor zijn vrouw en kinderen.

Zien we hier de heer Verloop zelf?

De kanalen zijn goed zichtbaar, en nu in de herfst fotogeniek met al dat mos.

De volgende foto zou best het haventje van dat ingekleurde kiekje kunnen zijn.

Ik kom nog een mooi kiekje tegen, dat is nog van voor de tijd van Verloop.

Verloop had ook nog een zwembad laten aanleggen. Bovendien kwam er een motorcrossbaan rond de plas. En een theekoepel. Dat zwembad was een slecht idee: Verloop groef door de afsluitende kleilaag heen, en de eerste plas is sindsdien lek – vandaar dat die (bijna) droog staat. Zeilen deden ze er ook. Op de achtergrond zien we aangeplante boompjes.

Ik zie nu op het AHN dat ten zuidoosten van deze plas een lange dam ligt: het centrum van alle activiteiten?
In Leersum is een weg naar deze Verloop genoemd, de M.C. Verloopweg dus. Was er nou echt geen enkele vrouw te vinden die betere dingen in Leersum heeft gedaan dan deze man die een motorcrossbaan en kanobaan liet aanleggen en deze prachtige plas lek stak?

Dit verharde pad is het rolstoelpad over die rechte dam.

Ten zuiden van de dam tussen de eerste en tweede plas ligt de Steen van Mariken, een zwerfkei die door het ijs in het Saalien uit Scandinavië is meegenomen. Ik heb er geen foto van, maar hoe je ook wandelt, je komt er langs. Hij is hier in 1974 neergelegd voor de opnames van de film ‘Mariken van Nieumeghen’.
Hier een filmpje uit 1957 over lente op het Leersumseveld (2 minuten). Met duizenden kokmeeuwen. Dit was vroeger een kokmeeuwenparadijs, maar die zijn, zo lees ik, nu allemaal weg. Dat komt, lees ik verder, omdat die hun eten haalden op de vuilstort van Maarsbergen, en die vuilstort is afgedekt.
Wandelen
Rond de plassen zijn twee wandelroutes uitgezet, een korte rode en een lange gele (6 km). De lange gele is saai. De korte rode is iets beter – want loopt in elk geval tussen de eerste en tweede plas door, maar is nog steeds saai. Volgens mij weet Staatsbosbeheer dat zelf ook wel, maar ze wilden wandelroutes die het hele jaar open zijn en een groot deel van het gebied is van maart tot september afgesloten ivm het broedseizoen. Ze gaan dus om de mooie plekken heen.
Hier de twee aangegeven wandelroutes – de rode en de gele. In groen geef ik het rolstoelpad weer – dat is nog het leukste, maar die weg ten noorden van de plassen is verhard, breed en langs prikkeldraad, en daar houd ik niet van. De route met blauwe bolletjes is mijn zelfbedachte favoriet. Ik zet mijn fiets in het oosten waar blauw en geel splitst: dat is bij een koraal voor vee vlakbij Ginkel. Bij 9 is een parkeerplaats voor auto’s.
Maar let op, van 15 maart tot 1 september kun je mijn blauwe route niet lopen: dat stuk ten zuiden langs de oostelijke plassen is dan afgesloten. Nu in de herfst is dit een mooie route.

In het voorjaar zijn de oevers langs het pad tussen de plassen door rood van duizenden en duizenden plantjes zonnedauw. Maar nu is het oktober. Paddenstoelen, mos, bladeren, eikels.

Op veel plekken groeit veenmos.

Ook het open natte veld in de zuidoosthoek is prachtig.

Genoeg mooie verhalen. Dus echt nu ff heengaan hoor, en dan mijn route lopen. Dat kan nog tot 15 maart.
