Als Gelre in 1543 is opgegaan in het grote Habsburgse Rijk, gaat een Rekenkamer de domeinen beheren. Dit leidt tot jaarlijkse inspecties, nieuwe regels en tot prachtige kaarten van de drie grote bossen: het Nederrijkswoud, het Koenenbos en de Moft.

1543 Gelre verliest zijn zelfstandigheid

In 1543 gaat Gelderland met het traktaat van Venlo op in het grote Habsburgse Rijk van Keizer Karel V. Zijn zuster Maria van Hongarije wordt landvoogdes van de Nederlanden. Gelre blijft onder Spaans bestuur tot de Acte van Verlatinghe in 1581. Dan is de onafhankelijkheidsoorlog in volle gang – wij kennen die als 80-jarige oorlog.

De Rekenkamer

Keizer Karel V stelt een Rekenkamer in om zijn domeinen te beheren. Daartoe behoren drie grote bossen: de Moft, het Koenenbos en het Nederrijkswoud. Nu zijn dit wandelbossen met hoge bomen, toen waren het hakhoutplantages. Alleen in de laatste jaren voordat een perceel gehakt werd, liep je tussen hoge bomen door, maar op de meeste plekken kon je over de afgehakte stobben heen kijken.

Daarnaast had de keizer de jachtrechten in de domeinen. Illegaal jagen, stropen, vallen zetten werd streng bestraft, wat een goede inkomstenbron was. In die zin is ‘werd streng bestraft’ minder juist, en kunnen we beter stellen dat ‘de bosmeester erop lette dat boeren betaalden voor wat ze in een domeinbos deden’. Alleen alles wat de jacht hinderde werd echt bestraft, zoals zomers als er jonge reetjes waren honden los laten lopen.

Wat is een domein? Het Loo een domein. Privébezit van de koning dus.

De betaling voor gebruik van een domein heette recognitie; uit de term blijkt dat het gaat om de erkenning dat je gebruik maakt van de grond van een ander en daar geld mee verdient. Je betaalde dus geen recognitie voor bijvoorbeeld slapen, poepen of vrijen in het bos, maar wel voor het halen van hout, eikels, paddenstoelen, dieren, honing etc.  

De Rekenkamer is ingesteld in 1543 door Spanje en afgeschaft in 1795 door Frankrijk. Bedenken wij nog wel eens iets zelf?

Plakkaten

De Rekenkamer stelde regels op over het gebruik van de domeinen door omwonenden. Dit noemen ze plakkaten, omdat ze werden aangeplakt op muren. Meer over deze plakkaten.

Bosmeesters

Een bosmeester inde de recognitie. Dat ging niet zozeer in geld als wel in natura: een bijenkorf, een schaap.

Het Hof van Gelre en Zutphen

Keizer Karel stelde ook een gerechtshof in: het Hof van Gelre. Hier werden rechtszaken gevoerd over van alles, onder andere over grensconflicten. Het hof laveerde tussen opgeschreven rechten van heren die met eigendomspapieren wapperden en oude ongeschreven rechten van omwonenden. Om achter oude ongeschreven rechten te komen, riep het Hof getuigen op, oude mannen die nog goed van memorie zijn en onder ede verklaren hoe het sinds mensenheugenis is. In de serie Anno geef ik regelmatig aandacht aan processen, want zo’n proces geeft een fantastische inkijk in de geschiedenis die nou eens niet over machthebbers en hun veldslagen gaat. Maar over boeren die ruzie maken over een sloot. Of over de Rekenkamer die met de schout van Renkum ruzie maakt over een bijenkorf.

Beter beheer

De domeinen brachten niet veel op en Brussel vond dat de Rekenkamer ze beter moest beheren of anders verpachten. De Rekenkamer vraagt de bosmeesters om advies. Frederik van Rennes, bosmeester van het Koenenbos bij Oosterbeek en het bos op de Moft bij Wageningen, is over de Moft niet positief. Het probleem is dat Wageningers het bos vernielen, omdat ze vinden dat ze daar recht op hebben. Maar, zo zegt hij, als weidegebied is het waardevol en dat brengt best geld op.

Hier een (opgepoetst) stukje van mijn transcriptie:

… dan hebben die van Wageningen van gebruijck bij mans gedencken heure uijtdrift ende uijtslach van haere beesten daer inne gehadt, soe sij oeck nu tegenwoordich noch hebben ende gebruijcken, als oeck mede doen die van Barnichem, die van Manen und van Hartten, waerdeur den gebruijckte plaetse desselven bosch zeer qualick is ende zoude zijn te bevroeden, om eenich profijt daermede te souden moegen doen.

Ende wort anders t selve bosch sonder eenigen kost bij den craijen uijter lucht die den eickel daer brengen end vueren van sich selfs genouch beplant, dan worden de jonge uijtspruijtende boemkens comende vanden voors eickel then aencomende saisoene, mits de servituijt ende subiectie der selver uijtdriften, halven terstont bij den beesten wederom verdorven ende vernijelt.

Maer belangende het groene scaerbosch dat in wesen is daerop mach de bosmeester alle de scapen ende de beesten opten drije jaerigen houwe van dien bevonden (alwaer sij geen uijtdrift en hebben) scutten, op een bruecke ende recognitie daer toe staende, half tot zijne Majesteits ende des bosmeesters behoef, sulcx dat de voorss gemeente anders over al den bosch den voorss heuren uijtslach genieten mach.

Voor premium abonnees mijn (niet opgepoetste) transcriptie van het hele stuk. In origneel Nederlands uit 1561.

Premium abonnees zien hier een pdf

Het openbare blog gaat hier verder.

Van Rennes vindt dus dat het moet blijven zoals het is. Hij vindt het planten van bomen een slecht idee: het duurt te lang voor dat iets opbrengt, en is teveel risico. Een schaarbos met eikenhakhout brengt altijd wat op.

Jaarlijkse inspecties van de heggen

Het blijven hakhoutbossen dus. De Rekenkamer verdeelt de bossen in percelen die ze heggen noemen die elke tiental jaren worden gehakt tot minder dan een meter boven de grond. Jaarlijkse wordt alles geïnspecteerd. Dit is een artikel over zo’n inspectie in 1731 van het Koenenbos. Maar ze inspecteren nooit de Moft, want daar viel niks te halen.

Kaarten

Een ander nieuwtje dat het bosbeheer moet verbeteren: in 1570 krijgt landmeter Thomas Witteroos de opdracht van de drie domeinen goede kaarten te maken. Kaarten waren toen net zo modern als AI nu. De oudste kaartjes van deze omgeving zijn van rond 1550, dus dat ze al in 1570 kaarten van de domeinen laten maken, mag vooruitstrevend genoemd worden.

Witteroos maakt van elke hegge afzonderlijk een kaart. Die van het Nederrijkswoud en het Koenenbos zijn bewaard gebleven, van de heggen op de Moft zijn er slechts twee over (misschien heeft hij die niet gemaakt; dat bos bracht toch niks op).

Daarna puzzelt hij de afzonderlijke heggenkaarten aan elkaar tot een overzichtskaart. Die van het Koenenbos en de Moft zijn prachtig gekleurde kaarten geworden – daar staan alle heggen van de Moft dus wel op.

Die van het Nederrijkswoud, toch het paradepaard wat bosbeheer en opbrengst betreft, is het minst mooi. Deze kaart is 75 * 85 groot, maar onleesbaar.

Witteroos zelf heeft hier een tweede exemplaar van gemaakt die minder vergaan is, maar dat is een klein kaartje van 30 * 40 cm.

De Rekenkamer kijkt jaloers naar het Reichswald dat volgens de nieuwste bosbouwinzichten wordt beheerd. Dat willen ze hier ook wel. Het Nederrijkswoud wordt een goed beheerd bos, het Koenenbos lijkt ook nog wel ergens op, maar De Moft wil niet lukken. Wageningers blijven de boel vernielen. Al snel na 1570 begint de Rekenkamer heggen aan de rand van de Moft te verpachten: Willem van Raesfelt pacht de zuidoosthoek en maakt daar zijn landgoed de Kortenberg van, dat in 1881 door Koning Willem III is gekocht voor zijn jonge vrouw Emma. Nu is dit het Oranje Nassau’s Oord: een heerlijk wandelbos.

Alle afbeeldingen

  • kaart Koenenbossen
  • Kaart uit 1570 van de Moft, Witteroos