Stuwwallen ontstaan onder heel specifieke omstandigheden. Je hebt een ijsveld nodig dat steeds dikker wordt en dat ligt op een slappe ondergrond van zand en klei.

Er is niet eens een goed Engels woord voor. Er bestaat een term push-moraine, maar die term klopt niet want er wordt niet gepushed door het ijs (ook niet gestuwd dus), en het is ook geen morene want een morene bestaat uit rommel die door de gletsjer is meegenomen van elders terwijl stuwwallen bestaan uit lokaal materiaal dat is omhoog geperst. In Engeland komen geen stuwwallen voor, en wordt de term push-moraine gebruikt voor een heuvelrij opgestuwd morene.

In Duitsland komen net als bij ons verschillende rijen stuwwallen voor. De Niederrheinische Hohenzug is een voortzetting van de Gelderse stuwwallenrij. Ook de Twentse stuwwallen zetten zich voort in Duitsland. En in het noorden ligt de rij van de laatste ijstijd waarbij het ijs niet Nederland maar Duitsland wel bereikte.

Hoe ontstaan stuwwallen?

IJstongen groeien aan tot honderden meters dikte en zakken diep in losse grond. De ondergrond wordt, door het gewicht van het ijs, tientallen meters uitgediept. Dat materiaal moet ergens heen en glijdt onder het ijs weg, opzij en naar voren, honderden meters omhoog tot hoge wallen rond de tongen van het ijs. Honderden meters omhoog, het klinkt ongelooflijk maar is waar.

glaciaal dal stuwwal tekening 1
ontstaan van stuwwallen aan weerszijden van een ijslob. tekening: Mathilde 2017

NB: de term stuwwal is dus eigenlijk niet juist en geeft een verouderd idee over het ontstaan weer. In veel oudere literatuur wordt verteld dat de gletsjer als een soort bulldozer materiaal voor zich uit schoof. Dat idee is inmiddels achterhaald. Men denkt nu dat de gletsjer niet duwde, maar in de ondergrond wegzakte en de ondergrond wegperste.

Waar liggen stuwwallen in Nederland?

Stuwwallen liggen in een baan door midden Nederland: Overijssel, Gelderland, Utrecht en een plukje in Noord-Holland. Sommige heuvels in andere provincies zijn wel ijstijdbulten maar geen stuwwallen.

Hoe herken je stuwwallen?

Niet elke ijstijdbult is een stuwwal, maar in toeristische boekjes worden veel ijstijdbulten wel zo genoemd. Het kenmerk van een stuwwal is dat oorspronkelijk bodemmateriaal door ijs opzij en over elkaar heen is geperst. Als je een stuwwal doorsnijdt, zie je schubben. Dat zie je dus alleen bij de aanleg van een nieuwe weg, kanaal, spoorlijn. Geologen gaan dan uit hun dak: bulten blijken al of niet gestuwd te zijn, discussies laaien op. De geologische kaart wordt opnieuw getekend.

ahn grijs stuwwal banen apeldoorn
golfplaatpatroon op stuwwal. AHN, bewerking Mathilde, 2018

Aan het maaiveld vertonen stuwwallen banen die verschillen in hoogte als een groot golfplaatdak en soms ook in landgebruik verschillen. Dat komt omdat de schubben verschillen in het gehalte aan grind, klei, zand of leem. Een schub met veel grind steekt nu, na 120.000 jaar erosie, uit boven een schub met meer klei. Een zandige baan is voor een boer anders interessant dan een lemige baan. Maar aangezien bijna alle stuwwallen in Nederland volgeplant zijn met naaldbomen en nu natuurgebieden zijn, is dat verschil in landgebruik niet zo zichtbaar: naaldbos, hei, zand. Leemgroeves, ijzerkuilen en grindgroeves zijn aan bepaalde banen gebonden. Met name  ijzerkuilen liggen op honderden meters lange rijen mooi te zien.

Een stuwwal ontstaat voor en tussen ijstongen aan het eind van een ijsveld. Als dat ijsveld vervolgens smelt, blijft de stuwwal liggen. Dit is gebeurd met de zuidelijke rij stuwwallen van de Utrechtse Heuvelrug, Veluwe, Nijmegen, Montferland en een deel van de Sallandse Heuvelrug vanaf de Besthmenerberg tot en met de Holterberg, plus de Needse Berg en de Lochumerberg. Op de volgende kaart de onbedekte stuwwallen na hun vorming.

stuwwal tekening 10 nederland
tekening: Mathilde, 2018

Deze jongste rij stuwwallen is nu ongeveer 120.000 jaar oud. Ze liggen er nog net zo bij, alleen is West-Nederland weggezakt en bedekt onder dikke lagen sediment en is de strook in het oosten afgesleten en grotendeels weggeërodeerd. Hoe de Needse en Lochumerberg in dit rijtje thuishoren is vooralsnog duister. Fascinerend dat honderden meters onder Alkmaar een hoge stuwwal ligt. De Muiderberg bij Amsterdam is het topje van een hoge stuwwal dat nog net boven ‘water’ steekt. De stuwwallen die nu nog zichtbaar zijn, heb ik op de volgende kaart ingetekend (het puntje van de Muiderberg, de Twentse stuwwal, de Needse, Lochumer en Beshtmenerberg plus de Deldeneresch moet ik nog intekenen):

tekening 17 nederland stuwwal
Mathilde, 2017

Alle andere bulten die ik dus niet getekend heb (ik geef toe dat ik de tekening moet bijwerken) zijn geen stuwwallen volgens de nieuwste theorie. Alleen over de heuvels bij Steenwijk en Vollenhove is men het nog niet eens, maar ik beschouw ze niet als stuwwallen, maar als dumpmorene, en dat is een ander verhaal. Net als de berg op Texel, Wieringen en Gaasterland zijn het wel ijstijdrelicten maar op een andere manier ontstaan.

De Hondsrug is onder ijs ontstaan en is een verzameling drumlins die samen een megaflute vormen; en dat is ook een ander verhaal.