De Mauriksche en Ecksche waarden is een kronkelwaard met een lange staart tot aan Maurik. Het recreatiepark hoort er niet bij want ligt op de voormalige noordoever van de Rijn.
We zijn Amerongen voorbij en ik moet een nieuwe routekaart maken met het derde en laatste deel van onze Rijncruise van Arnhem naar Vianen. We zijn in bocht 17 op de zuidoever.

Premium Inhoud
Premium abonnees lezen hier over de werkbezoeken in de 17de eeuw door de Rekenkamer van Gelre.
Verder met het openbare blog.
1662

Isaac van Geelkercken tekent in zijn prachtige kaartenboek van de Rijn in 1662 een groot bloot sandt (noorden is onder, zie Amerongen onderaan) in de bocht naar het zuiden naar Maurik. De tegenoverliggende oever bij de staart van de waard van Amerongen wordt zwaar met kribben verdedigd. De Lekkendijk schaart langs de oever.
De tekst rechtsbovenaan kan ik niet lezen. Novit 2.0 of zoiets, wat in ons digitale tijdperk een goede naam voor een modern merk zou kunnen zijn, maar het lijkt me niet goed. [Het is blad 10, iets als nummer 10 dus.]
1670

Op de 10-meterkaart van Isaac van Geelkercken uit 1670 (noorden onder) is hetzelfde groot sandt te zien. Isaac heeft hier met een andere inkt door zijn kaart heen getekend. Aan Amerongse kant ligt een lange krib waarover we in bocht 16 hebben gesproken, maar ook tekent hij dat het groot sandt in de binnenbocht aan Betuwse kant verder naar het westen is opgeschoven. Dit is normaal bij een laaglandrivier. Je kunt het nadoen met een zwaar touw dat je aan een kant vastmaakt aan een tafelpoot en aan de andere kant vasthoudt. Als je nu het touw heen en weer laat ‘meanderen’ zie je dat de bochten zich verplaatsen naar de tafelpoot (de monding naar zee). Hier hebben we in bocht 5 ook naar gekeken.
De bandijk ligt ver van de Rijn af. De waard is grotendeels van de graven van Culemborg, en volgens Gelders waterrecht worden aangroeiende zandbanken automatisch ook van hen. Verder zie ik in de waard een hank of strang en in de zandbank twee kleine strangen.
In de 17de eeuw waren een hank en strang verschillende waterlopen in een uiterwaard. Een hank is een rest van een oude Rijnloop aan, en een strang is een kwelwaterloop. Ik heb het idee dat tegenwoordig het woord hank is verdwenen. Het verschil is, dat een hank dichtslibt en dat een strang blijft stromen zolang hij met kwelwater wordt gevoed.
Naast de strang/hank lees ik Culemborchs landen, en ik denk dat tussen die twee woorden een kade naar de rivier ligt en een brug over de strang/hank. Misschien is dat wel het restant van een oude krib. Verder zie ik een steenoven. In de staart staat Achtervelt.
Het veer bij Maurik
1692 Passavant

Deze kaart uit 1692 is van G. Passavant, en heet Caarte van Maurick. We kijken naar het onderste stukje bij Maurik. Ik leg de kaart op topotijdreis 1850:

en nu in 2021:

Een kaart van verdwenen land dus. Toch is er volgens mij nog wel iets te vinden en ik zoom in op het deel bij Maurik:

Het noorden is rechts, Maurik ligt onderaan, aan de overkant van de Rijn een veerhuis. Aan Maurikse kant een kil of hank, het huis van Frans Dirksen, en een krib. Hier dit stukje in 1900:

In 1900 was het veer er nog, de kribben lagen ongeveer nog op dezelfde plek. In 1962 is de Veerweg aan de Maurikse kant er nog net zo, maar het veer is blijkbaar gestopt.

En in 2021? De oude veerweg is nu de ingang naar de jachthaven:

Ze hadden de kantine van de jachthaven goed het Veerhuis kunnen noemen.

De jachthaven heet De Loswal. Leuke naam!
De Binnenbol
We varen even stroomopwaarts en komen in de grote binnenbocht waar ik enkele kaarten van gevonden heb. De oudste is uit 1755.
1755 De Maurickse en Eckse Waarden

Links bovenin de Binnenbol: een herkenbaar stukje op deze kaart waarmee ik een andere kaart heb kunnen identificeren. Daar kik ik op. Echt herkenbaar is de scherpe hoek in de bandijk. Ik leg deze kaart op topotijdreis 1854:

En in 2021:

Het woord bol is blijkbaar een lokale term voor waard, want ik ken hier meer bollen (Gravenbol bijvoorbeeld, zie bocht 18). Op de kaart staat een wiel, en die ligt er nog. Zie bovenstaande uitsnede achter het woord Waarden.
Van deze binnenbol bestaat ook nog een detailkaart:
1772 Caart figuratief van de uijterweerd den Binnenbol onder Maurik
Het noorden is hier onder, de Rijn stroomt immers naar rechts. In de Binnenbol is een bochtige lijn getekend waar naast staat: scheijding tussen het hooge en laage land, waarbij het hoge land langs de Rijn ligt en het lage daar achter (dat is normaal, bij een overstroming bezinkt zand dichter aan de rivier). Zou dat nog zo zijn? Ik ga naar het AHN en teken de Binnenbol in. Een van de twee moet je dus draaien om zo over elkaar te kunnen leggen.

Langs de zomerdijk is het inderdaad hoger dan verder weg, maar ik vermoed dat de hogere zanden zijn afgegraven. De rijswaard buiten de binnenbol van de Graaf van Attlone is weg.
1773 De buitenpolder
Dit vind ik weer een topkaart, van J. Leempoell. D is de Binnenbol die we inmiddels kennen.

Maar nou raak ik wel aan het twijfelen. Tot nu toe ging het zo lekker, maar wat is die dijk op deze kaart? Niet de bandijk – gelukkig, zucht – want rechts staat bij de brede dijk Den Bandijke. Op de kaart uit 1755 staat het begin van een somercade, blijkbaar is die in 1773 verlengd. In de tekst bij deze kaart wordt dit de buijtecade genoemd. Er is 100 jaar later niets over van deze kade, blijkbaar is de hele waard afgegraven voor de steenindustrie. In deze buitenkade zie ik een vingerling – een bochtje rond een wiel. Ik zie ook een wiel (kolk) net binnen deze dijk. En enkele strangen en laagtes in het afgebeelde gebied. De tekst rechtsonder is gemakkelijk leesbaar:
Ter requisitie van den Rigter G: van Geijtenbeek qq. de geerfdens van den Buijten Polder onder de Buijtecade gelegen; heb ik ondergen: geadmitteerde landmeter, afgesien en op gemete de zituatie en lengte van de buijte, en binnecadens om den voor:e polder (even beneden het Wielse veer onder Eck en Mourik in Nederbetuw) gelegen, en heb bevonde de lengte der buijtecade van de letter A (digt aan den bandijk) nederwaars tot B daar dese cade op een hoogte van den alter weerd versterft bijna 220 rode, verder na beneden bij de lettere CCC leggen drie caatjes door de laagte same lang sirca 20 roede; Den weijweerd genaamt den Binneboll comp:t de Baron Cocq onder D afgebeelt is boven en langs den buijte cant meest hoog, dog dalende na binnen vervolgende af tot aan de strang daar het laegland is, soo dat als geen cade lag dese weerd met een gering water voor het grootste gedeelte sou onder lope; van de letter E daar de buijte cade weder begint, tot aan de sluijs of waterlossing bij F is bijna 174 roede, en van F tot G daar de binnecade tege de buijte aan sluijt is lang 73 roede de binnecade van G opwaars tot bijna aan den bandijk bij H is ruijm 530 roede; sijnde dus afgesien gemete en figuratief op dese caart gebragt, in de maant october 1773 – J. Leempoell
De kaart van Reuvens uit 1870
Reuvens tekent langs de kop vijf nieuwe kribben – loodrecht op de stroomrichting, daarvoor legden ze kribben meestal met de stroom mee. Hij tekent een peilsteen langs de bandijk – niet gevonden. In de waard tekent hij een sluis.


In de staart van de waard tekent hij twee wielen, het dijkmagazijn, het voetveer, twee peilschalen en een peilsteen.
Fietsen en lopen
Laten we de waard af fietsen en alles opzoeken wat Reuvens intekent.
Ik begin bij camping Verkrema waar de bandijk een scherpe hoek maakt. Hier eindigt de waard van Wiel bij een sluis en begint de waard van Eck en Maurik. Ik mag nergens in, probeer het overal, maar het wordt allemaal niks. Geen rondje hier. Terwijl je prachtig zou kunnen lopen over de zomerdijk van camping naar camping, wat een gemiste kans. Het kan wel, maar het mag niet. Dus ik fiets over de bandijk langs de uiterwaard.
Ik zie nog een peilschaal.

De baas van de kantine doet reuze zijn best om voor mij een vegan maaltijd te maken (het verschil tussen vega en vegan heb ik niet geprobeerd uit te leggen, dus ik reken op vega) wat hij nog nooit eerder heeft gedaan. Het wordt frites, een heerlijke verse salade en een bamibal. Ik ben helemaal gelukkig.
Alle afbeeldingen
We gaan naar de overkant, de afgegraven Koornwaard waarin de stuw van Amerongen en het watersportcentrum van Maurik zijn gemaakt.




