De Luntersebeek stroomt van Lunteren naar Amersfoort waar hij door de stad stroomt als Langegracht. In Amersfoort komt de Barneveldsebeek en het Valleikanaal erbij en dan heten ze samen ineens Eem. Samen stromen ze naar het IJsselmeer. Ik pak de beek van bron bij Lunteren tot monding in het IJsselmeer.
Deze beek heet achtereenvolgens Luntersebeek – Heiligenbergerbeek – Langegracht – Eem. Stel dat Duitsland na elke zijrivier de Rijn een andere naam had gegeven. Gelukkig niet, nu is duidelijk dat de Rijn loopt van bron in Zwitserland tot monding in de Noordzee. Merkwaardig dat we dat in Nederland anders doen.
Ik heb de Taalunie om advies gevraagd of het nou Lunterse beek is of Luntersebeek. Hun advies is: Luntersebeek. Lunterse beek zou betekenen dat de beek van Lunteren is. Luntersebeek is een naam. Het waterschap doet het helaas anders.
De oudste kaart waar de Luntersebeek goed op staat is van Nicolaes van Geelkercken uit 1628-1651. Hier schrijf ik meer over deze kaart.

In 2020 is de wereld anders. Het Valleikanaal is gegraven, en deels in de bedding van de Luntersebeek gelegd. Ik teken het kanaal in met lichtblauw op de kaart van Nicolaes. Nou moe, zo valt goed op hoe getordeerd de kaart van Nicolaes is. Het kanaal kleur ik dus lichtblauw, de beek geel, de Schoonebeeksegrift donkerblauw, en de gracht van Amersfoort groen.

De bron van de beek
De beek begint in Lunteren in de berm van een klinkerweg langs de nieuwe woonwijk Haverkamp aan de Westzoom. De greppel langs dit weggetje is droog, maar aan de andere kant van de Westzoom staat er water in de beek. Een metalen hek met de naam van de beek – om een brug te suggereren (zoals Renkum heeft gedaan bij alle beken) – lijkt me geen weggegooid geld.
Ik fiets naar industrieterrein De Stroet, waar ik de beek terugvind op een absoluut prozaïsche plek vlakbij een terrein van het waterschap. Ik wil natuurlijk over de oever lopen – afgezien van het feit dat ik mijn fiets bij me heb – en dat lijkt me een prachtig project: een wandelroute langs de beek van Lunteren tot aan het IJsselmeer. Filmpje!
Ik fiets verder naar het westen en zoek overal waar het kan de beek op.



Het waterschap heeft een aantal jaar geleden de schouwpaden verkocht aan de eigenaren van de gronden ernaast. Ik was toen nog niet actief, en zou absoluut tegen hebben gestemd en hopelijk dit hebben tegengehouden. Als ze dat niet hadden gedaan, hadden we nu tientallen kilometers wandelpad kunnen ontwikkelen, natuurgebieden kunnen ontlasten, landelijk gebied kunnen openen.
Ik fiets ontgoocheld verder en kom bij buurschap De Beek. Hier komen maar liefst vier beken samen: eentje met de naam De Beek (hoe klein was het wereldbeeld van de naamgever?), de Overwoudsebeek, de Luntersebeek en de Veenderbeek. Dat punt wil ik zien natuurlijk, maar geen kans. De weg heet Kruisbeekseweg, maar hier kruisen geen beken, ze stromen samen. Op de nieuwste topokaart zijn twee van de vier afgewaardeerd tot niks overigens.
Terwijl ik dit op een bankje bestudeer, komen twee ezels kijken en knabbelen aan mijn haren.


Ik fiets verder maar kan nergens – ook niet lopend – langs de beek. Al mijn foto’s zijn hetzelfde: vanaf een brug verdwijnt de beek in de verte.






Bij Renswoude wordt het leven beter. Achter Renswoude is een fietspad langs de beek, en even verder ook een wandelpad. De beek is hier tot nat natuurgebied omgevormd. Top gedaan, Renswoude.



De brug in de Barneveldseweg vind ik wel grappig: de naam is verwerkt in het ijzerwerk. Maar automobilisten racen er langs en zien niks, en ik, fietser, kijk tegen de achterkant van de letters aan dus moet op die drukke weg gaan staan om de naam te kunnen lezen.

In de beek ligt een klepstuw; die herken je aan twee lange palen met heugels (klikgaatjes). Automatisch gaat zo nodig een klep omhoog die onder water zit. Tiktiktik hoor je dan.


Helaas eindigt al dit leuks op een industrieterrein, en dan fiets ik naar de brug in de N224 bij De Dennen. De brug over de weg voor auto’s is saai, maar de fietsbrug is leuk!


Vandaar kan ik verder fietsen over de Slaperdijk en kom ik de beek weer tegen bij de Schans Werk aan de Engelaar.



Ik fiets verder naar Scherpenzeel. De beek stroomt daar langs een nieuwe woonwijk en een deel is opgenomen in een soort park. Prima gedaan.



De beek stroomt verder door een bos – dat in het echt groter lijkt dan het plukje op de topokaart. Prachtig is het hier.



Tenslotte komt hij bij Lambalgen uit in de Grift. Waar ik natuurlijk even op de punt moet staan met mijn armen wijd – het Titanicpunt. Maar eigenlijk komt de Grift uit in de Luntersebeek: het Valleikanaal is in de beekbedding gelegd.


Tussen Lambalgen en Bruineburg lopen beek en kanaal samen op – oude kronkels zijn hier en daar nog te herkennen aan natte plekken en sloten ten oosten van het kanaal. Bij de Bruineburgsluis nemen beek en kanaal weer afscheid.

Ik volg de beek verder. Waar de Geeresteinselaan op de beek stuit, lag vroeger het Verlaat van Geerestein. De resten liggen er nog.

Bij Den Boom ligt de drukke Geeresteinselaan (N226) langs de beek. Op topotijdreis 1900 zie ik dat op dit stuk meerdere bochten uit de beek zijn gehaald.




Een oude hooiberg.


Bij de voormalige waterkruising tussen de Schoonebeekse grift en Luntersebeek ligt de Rode Brug. Daar komt de Woudenbergse grift = Schoonebeekse grift erbij en dan gaan ze samen verder als Heiligenbergerbeek. Nicolaes noemt dit punt Cruijsbeeck, want grift en beek kruisten hier echt.




Dit is de mooie brug bij de Ooievaarshorsterweg in Leusden.

De beek stroomt langs Ruiterbeek, Lokhorst (liggen er nog) en dan bij de Heiligenberg komt de Schoonebeekse grift – die in Leusden de Leusdergrift heet – er weer bij.

Om de oude kaart en de luchtfoto te vergelijken, moet je een van beide draaien.

Daarna komen we in Amersfoort. Het eerste dat ik zie is een prachtige steen uit Portugal, een geschenk in het kader van een stedenband – wat zou Amersfoort aan de zusterstad in Portugal hebben gegeven? Een brok veen?

In het zuiden is de beek topattractie in landgoed Randenbroek.

Even ten zuiden van de gracht is een leuk kunstwerk gemaakt in een scherpe hoek van de beek – daar kwam vroeger een van de takken van de Barneveldsebeek erbij.

En dan ben ik bij de gracht. De beek stroomt onder de prachtige waterpoort Monnikendam door – die onder een hoek in de beek ligt (volgens mij heeft de naam niks met monniken te maken maar met ‘mank’, maar mijn artikel hierover heb ik vanwege de vele negatieve reacties weggehaald)- en stroomt dan verder door de binnenstad van Amersfoort en heet daar de Langegracht.


Vroeger – maar dat is wel 500 jaar geleden – liep de Eem oostelijker dan het huidige rechte bevaarbare kanaal, en was slechts bevaarbaar vanaf de Zuiderzee tot aan de Melm. Een stukje van de Oude Eem is nog zichtbaar in de stad.

De Luntersebeek, Barneveldsebeek en het Valleikanaal gaan samen op weg naar het IJsselmeer als de Eem. Over de Eem heeft Van der Aa veel wetenswaardigs te vertellen in zijn Aardrijkskundig woordenboek uit ca 1850. Als ik dat lees, denk ik echt dat ik wel kan stoppen met dit blog. Ik fiets tot aan de Grote Melm bij Soest.

Ik heb over dit laatste deel nog geen verhaal: het is te ver fietsen vanuit Wageningen. Ik wil met de fiets op de boot, met de Eemlijn. Die vaart tussen Amersfoort en Huizen of Spakenburg. Ik wil naar Spakenburg, en dan terug fietsen. Dat lijkt me een heerlijke dag, maar niet vandaag.

Dus dit verhaal is nog steeds niet af. Hier de monding van de Eem in het Eemmeer = IJsselmeer. Hoeveel zouden de Hema en Valk design hebben betaald om op mijn scherm te verschijnen terwijl ik labels uit heb staan?

In 1900 zag het er hier zo uit:

Links en rechts van de huidige Eem zie ik twee oude lopen vol wielen. Wow, hierop zie je de polders wel heel mooi liggen. Ik dwaal af, dat is een ander verhaal.



De Luntersebeek was een kwelbeek. In vroeger tijden, toen het grondwater veel hoger stond dan nu, lag het begin van de beek in het Fislerwoud (nu: Buurtbos). Langs de noordziide van het vroegere terrein van De Honskamp loopt het Beeklaantje, dat herinnert aan het nu verdwenen gedeelte van de bovenloop van de beek. Opmerkelijk is dat ‘sGrooten op zijn bekende kaart een waterloop tekent die bij Lunteren begint en langs Kernhem richting de Rijn gaat.
Ik lees de verhalen met plezier terwijl ik helemaal in Eenrum (Gr.) woon, maar fiets in de vakanties veel.
Eenrum, ook iets te ver om op een dag heen en weer te fietsen vanuit Wageningen. Mooi voor een vakantie!