De Bisschop Davidsgrift in het Binnenveld is gegraven tussen 1473 en 1481 op last van Bisschop David van Bourgondië. We gaan op zoek naar de originele papieren.

English Podcast

Liever een podcast beluisteren (gegenereerd met AI)?

NotebookLM

De Bisschop Davidsgrift in 1474

In het boek met alle brieven en aktes van Bisschop David van Bourgondië, bisschop van Utrecht van 1456 tot 1496, staat veel, maar geen akte over deze grift. Dat is raar: er raakt wel eens een papiertje zoek in 550 jaar, maar alle aktes zijn in de 16de eeuw in een boek overgeschreven, en daar staat deze akte niet in. Dus de originele akte was al weg toen dit verzamelboek gemaakt werd, of er is nooit een akte geweest. We moeten het zonder doen. Toch lees ik op meerdere sites en in artikelen dat de Bisschop Davidsgrift rond 1473 op last van Bisschop David is gegraven, dus hoe weet men dat? Waar is de bron? Ik zeg beslist niet dat het niet klopt, maar ik kan de akte niet vinden en ik houd me aanbevolen voor wie meer weet.

Wat ik wel vind, op een heel andere plek in de archieven, is een schouwbrief van de Grebbedijk uit 1474 waarin een opening in de dijk tbv een ‘nutschap onser landen en der veenen’ genoemd wordt. Dat zou op deze grift kunnen slaan, maar ook wel op de originele natuurlijke Kromme Eem. Premium abonnees krijgen mijn transcriptie van dit stuk. Voor wie een nieuwe hobby zoekt: het woord nutschap is het derde woord in de derde regel:

Premium inhoud

Premium abonnees krijgen een cadeautje.

Verder met het blog voor iedereen.

De grift was van Utrecht dus moest op Utrechts grondgebied komen, maar wel zo laag mogelijk in de vallei om zeker te zijn van water. De grens met Gelderland liep toen midden door het riviertje de Kromme Eem dat stroomde van Doesburgh ten zuiden van Lunteren naar de Grebbe. Dat riviertje liep uiteraard op het laagste punt door het Binnenveld. Het zou handig zijn om bij het graven van de grift gebruik te maken van dit riviertje, maar dit kon dus niet, want Utrecht en Gelderland zaten elkaar voortdurend in de haren.

We lezen regelmatig dat bij het graven gebruik gemaakt werd van die Kromme Eem, maar dat klopt alleen voor het stuk ten zuiden van de Haarweg, waar deze Kromme Eem op Utrechts grondgebied ligt. Ten noorden daarvan is de Kromme Eem de provinciegrens, en ligt er tussen de grift en de Kromme Eem een strook Utrechtse grond.

Verlenging van de grift in 1485

In een stuk uit 1485 lezen we voorwaarden waarop bisschop David met Hubert van Zulen en Warmbout overeenkomt:

‘die grafte voirt doir die Rhijnsche venen te graven ind to eijnden.’ ‘Dat Hubert inde Warmbout mit horen gesellen voirsz die voirsz graft gelijck die begonnen is mit hoirs selves gelden voirt doirgraven ind maicken sullen’.

Toen werd de grift blijkbaar verlengd het veen in. Ze moesten die verlenging zelf betalen, maar mochten dan de opbrengst van de turf zelf houden. Mocht dat extra stuk te weinig opbrengen, dan mochten ze ook nog een graft naar het oosten maken

’ter Veluscher zijden van den oosteneijnde aengaende ten westenwairt’.

Ik vermoed dat Van Zuylen dit inderdaad heeft gedaan en dat dit het begin is van de zwaluwstaart: de ster van wijken aan het einde van de Bisschop Davidsgrift vanuit een centraal punt dat eeuwenlang kenmerkend was voor Veenendaal. Dit is nu het zielloze plein de Zwaaikom. Er werden drie wijken aangelegd: de Kerkewijk naar het zuiden, De Boveneindse Grift naar de Edese venen in het noordoosten en de Bisschop Davidsgrift zelf westwaards naar De Haspel. Dit is nu de Zandstraat.

In de 20ste eeuw besloot iemand dat het een goed idee zou zijn om ze te dempen en er brede autowegen van te maken – nu is Veenendaal alweer jaren bezig een wijk weer open te maken – hoe stedenbouwkundige visies kunnen veranderen.

Het is lastig voor een gemeente om sfeer in de stad te brengen als al het oude weg is. Maar Veenendaal doet zijn best; delen van het centrum zijn echt goed gelukt en met de nieuwe gracht wordt het nog leuker – hoewel deze nieuwe gracht niet op de plek ligt van een van de oude wijken en dus niet uitkomt bij de Zwaaikom.

Terug naar de grift in de 15de en 16de eeuw. Op deze kaart uit 1550 zien we hem liggen. Meer over deze kaart.

De Bisschop Davidsgrift in 1556

In een instructie uit 1556 in het archief der Gelderse en Stichtse Veenraden lezen we:

‘dat bisscop David die Grifte heeft doen maecken bij eenen Jacob van Baelionesteijn, van den Rijn aff tot in de veenen toe op ten Stichtschen bodem metten Veendijck daartoe behoorende’.

Ok, langs de grift kwam dus een Veendijk: logisch omdat de uitgegraven grond op de kant werd gegooid, maar de dijk werd ook jaagpad. Het jaagpad is nodig om de schepen te trekken. Stroomafwaarts, toen naar de Rijn toe, gleden de schepen vanzelf wel, maar stroomopwaarts moesten ze worden getrokken door paarden. Er lag maar aan een kant een jaagpad, dus lag dat op de rechteroever of op de linkeroever?

NB: de rechteroever van een riviertje (of in dit geval een stromend kanaal) is de oever die rechts van je ligt als je stroomafwaarts drijft.

Het jaagpad is nu het fietspad langs het Valleikanaal. Dat ligt op de linkeroever – hmm? O ja, het kanaal stroomt inmiddels de andere kant op, dus die oever was vroeger de rechteroever -. De westoever is dat.

Dat het jaagpad op de westoever ligt, klinkt logisch voor een Utrechts kanaal vlak langs de grens, want de Geldersen letten natuurlijk heel goed op dat de werkers geen stap over de grens zetten en geen grond over de grens gooiden, en wilden ook niet dat de jagers de grens overstaken.

Inderdaad ligt er aan de oostkant van het kanaal ook nu nog geen dijk en geen wandelpad – zo werkt de geschiedenis door in het nu.

Afgezien van het jaagpad en de dijk: familienaam Van Baelionestein? Blommestein? Bolkestein? Van Baarle en Stein? Maar familienamen zijn niet mijn ding.

De Bisschop Davidsgrift heeft niet lang gefunctioneerd. De oorzaak ligt in de vele ruzies tussen Utrecht en Gelderland. ‘Dese grifte van Bisscop David is met verloop van crijch ende oirloge tusschen die Geldersche ende Stichtsche verlant’, zegt de instructie uit 1556.

In 1556 was de grift dus verland. Maar dit jaartal kan niet kloppen, want al eerder had ik stukken opgeduikeld over het herstellen van de grift in 1545, en een vaarreglement uit 1554. Dan is immers de Gouden Eeuw van Veenendaal aangebroken: de grote veenontginning in het Binnenveld. Maar dit is een blog en geen proefschrift en dit laat ik ff zitten tot ik er weer eens induik.

Bron: Een deel van de oudste informatie heb ik ontleend aan: D. Philips De geboorte van een dorp (Veenendaal), in het jubileumnummer Oud Veenendaal 1985-1990, p. 108 – 113. Eerder verschenen in maandblad Oud Utrecht, mei 1964.

Meer lezen over het Binnenveld? Lees in Het Verhaal van het Binnenveld alles over de geschiedenis van het waterbeheer in het Binnenveld. Liever een boek? Dan is mijn boek Water in het Binnenveld vast iets voor jou. Het boek is te koop als paperback en als eboek.

Alle afbeeldingen

  • Kaart uit 1550 van het Binnenveld