De Noordoostpolder is een droogmakerij in de Zuiderzee. Bij het inpolderen zijn er twee eilanden mee ingepolderd. Een daarvan is Urk. De andere is Schokland. We hadden beide al kort bekeken toen we de eilanden in het IJsselmeer bestudeerden, maar er is meer over te vertellen. Vandaag Urk, kijk met me mee.

Wat is het verschil tussen een droogmakerij en een polder? Een droogmakerij is een meer of stuk zee dat is drooggemaakt. Een polder heeft met waterbeheer te maken: een polder heeft een eigen waterstand onafhankelijk van het gebied eromheen, die met stuwen, sluizen en gemalen op peil wordt gehouden. In een droogmakerij liggen polders. Maar veel meer polders hebben niets met een droogmakerij te maken.

Urk

De Urker ijsrand

Urk is, zegt men, een keileembult in de Gaasterland ijsrand. Maar het ligt daarvoor te zuidelijk en vormt samen met Schokland en Vollenhove een iets jonger tussenrandje. Dat ga ik, niet gestaafd door enige verwijzing in literatuur, de Urker ijsrand noemen – en die naam verzin ik omdat Urk misdeeld is bij de naamgeving van de Noordoostpolder.

Zie de volgende uitsnede van de geologische kaart: de bovenste lijn zijn de stuwwallen en keileemheuvels van de Gaasterland-ijsrand, en met geen mogelijkheid is de onderste lijn die keileemheuvels verbindt daarin te passen. Die onderste lijn verbindt vier keileemheuvels: Urk, Tollebeek, Schokland en Vollenhove.

Van de vier vlakjes is die van Vollenhove het grootst. Die van Tollebeek raakt net het maaiveld niet. Het kleinste bultje ligt bij Schokland. Dit bultje is de oorzaak van het zand daar, en dat is weer de oorzaak dat daar veen ging groeien. Schokland is dus geen keileemeiland, maar een eiland op veen, maar daar onder ligt wel degelijk keileem.

Op de geomorfologische kaart, waarop we landvormen bekijken, geen spoor van keileem of stuwwal bij Urk, Tollebeek of Schokland. Alleen Vollenhove is knalrood.

Aan de gele stippen links boven en rechts onder zie je dat ik dezelfde uitsnedes knip. Zo meer over de geomorfologie, nog ff dezelfde uitsnede op de bodemkaart:

De roze vlakken op de geomorfologische kaart zijn hier rood. De legenda zegt: zeer ondiepe keileem, potklei, enz (KX). [dat enz is niet van mij, dat staat echt in de legenda – wat heb je nou aan enz in een legenda?]

Abrasievlakte

Terug naar de geomorfologische kaart. De rode vlakken zijn hier roze. De legenda zegt: M77 Abrasievlakte. Op de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed vinden we meer informatie, want de Abrasievlakte De Voorst ( = het grootste rode vlak bij Kraggenburg en het Waterloopbos) is een Aardkundig Monument. Ik citeer:

Het gebied ten noorden van Kraggenburg, waar zich het Voorsterbos en Waterloopbos bevinden, wordt gekenmerkt door het voorkomen van keileem en grof zand aan het oppervlakte. Deze afzettingen vinden hun oorsprong in de voorlaatste ijstijd (het Laat-Saalien, ongeveer 150.000 jaar geleden), toen dit gebied samen met de heuvelrug bij Vollenhove (zie Stuwwal Vollenhove) als stuwwalrestant met een dikke laag keileem werd gevormd. Het landijs dat uit Scandinavië kwam oprukken heeft dikke lagen keileem afgezet, bestaande uit een compact mengsel van leem, zand en stenen.

Het westelijk deel van keileembult is vanaf de Middeleeuwen sterk aangetast door de Zuiderzee. Door de golfwerking op bodem van de ondiepe zee heeft afschaving plaatsgevonden en is de keileem uitgewassen. Hierbij is een vlakke zeebodem ontstaan met losliggende stenen en grof zand uit de keileem. Vanwege deze samenstelling van de ondergrond is dit deel van de Noordoostpolder minder geschikt voor landbouw dan de rest van de polder.

Duidelijk, vandaar dat daar het fantastische Waterloopbos is. Bij Urk en bij Tollebeek ligt dus ook zo’n abrasievlakte.

Urk

We zoomen in op Urk. Het oude dorp ligt dus op een keileemheuvel uit het Saalien. Tot ongeveer 1200 stak deze heuvel uit boven land. Dit land was een eiland in het Almere, de voorloper van de Zuiderzee, zie de paleogeografische kaarten:

Urk 5500 vC

In geel de keileemheuvels, bruin is de beginnende veenvorming. De keileembult van Urk is het eitje ongeveer in het midden van de uitsnede. Geen spoor van de Zuiderzee.

Urk 800nC

In 800 was onze wereld water en veen. De keileembult van Urk ligt op het grote eiland in de zich verder uitbreidende Zuiderzee. De andere keileembulten op deze uitsnede zijn, met de klok mee: Wieringen, Gaasterland, Steenwijker Heuvelland en Vollenhove. Onderaan de noordelijke punt van de Veluwe.

Urk 1500 nC

Het veen graven we af, de Zuiderzee groeit verder. Het grote veeneiland van Urk is verschrompeld tot alleen de keileembult met een randje eromheen. Het veeneiland Schokland ligt fier in het water. De rode vlekjes zijn steden.

Urk 1850 nC

De Zuiderzee is in 1850 op zijn grootst, want niet veel later beginnen we delen van de zee droog te leggen. De keileembult van Urk is een eiland, en van Schokland is niet veel over – rond die tijd wordt Schokland ontruimd.

Urk 2000 nC

De eilanden Urk en Schokland liggen als heuvels in de Noordoostpolder.

Urk en de Noordoostpolder

Bij het lezen over Urk en de Noordoostpolder loop ik vol van schaamte. Het verhaal is dit: Urk was een klein overbevolkt eiland met mensen die leefden van visserij. Er was veel ziekte, veel armoede. Maar ook inteelt. Wetenschappers dachten dat in Urk de oerNederlander nog bewaard was. In 1877 hadden wetenschappers zes schedels gestolen van het kerkhof op Urk voor wetenschappelijk onderzoek – nou ja wetenschap – om te bewijzen dat op Urk het oernederlandse ras woonde. Pas in 2010 zijn die schedels door de Universiteiten teruggegeven en herbegraven. In de dertiger jaren, toen wetenschappers (ook niet-Nazis) zich verdiepten in rassenleer en schedelmetingen, werden de Urkers voor achterlijk versleten. De oorspronkelijke naam van de Noordoostpolder was Urkerland – prachtige naam, kan het nog? Maar de bevolking van Urk werd zo achterlijk gevonden, niet geschikt voor landbouw, dat er zelfs plannen werden gemaakt om die prachtige nieuwe polder niet te bezoedelen met Urkers: die zouden worden uitgestoten. Dat wil zeggen: verwijderd, verbannen van hun Urk. Dat voorstel haalde het niet, maar de polder kreeg een nieuwe naam zonder verwijzing naar Urk en zo zitten we nu met de Noordoostpolder opgescheept. Aanvankelijk ging er niet eens een weg naar Urk: Urk was al in 1939 ingepolderd, maar de verbinding Emmeloord kwam er pas in 1948. Slechts een enkele Urker werd goed genoeg gevonden voor een boerderij in de polder, zelfs diegenen die aan de landbouwschool hadden gestudeerd maakten geen kans. Geen wonder dat Urkers een hekel hadden aan de kolonisten en zo nu en dan relletjes trapten en dingen vernielden. Een volk in verdrukking. Nou ja, ik hoop dat er excuses zijn aangeboden, want oeps wat waren de Hollandse machthebbers fout hier …..

Maar Urk herstelde zich, de vloot is nu gespecialiseerd in boomkorvissen (dat is het vissen met sleepnetten). Urk is een eigen gemeente.

Urk in 1886

Ha, ik las een dagboek van een Engelsman die in 1886 met een eigen stoomboot een rondreis door Nederland en Vlaanderen maakt, en hij komt ook bij Urk. Een citaat:

In het dorp ontbreekt de Nederlandse properheid ten enen male. … Hoewel het zaterdag was, een dag waarop in Nederland alles altijd blinkend gepoetst wordt, was dat in Urk niet het geval.

Urkerbos op de abrasievlakte

De abrasievlakte bij Urk lag tot de Noordoostpolder werd drooggemaakt onder water. In het citaat over het Voorsterbos hadden we gelezen dat een abrasievlakte vol stenen en grof zand ligt en daardoor minder geschikt is voor landbouw. Wat doen ze met deze abrasievlakte bij Urk? Ja hoor, het Urkerbos staat erop. Ok, het bos is groter dan de vlakte, maar de vlakte is niet groter dan het bos.

Voordat we nu denken dat we volleerde landschapslezers zijn (ha een bos in de NOP, vast een abrasievlakte): hoe zit dat met de kleine abrasievlakte bij Tollebeek? Nee, daar is geen bos maar heeft een boer eenvoudig pech.

Urk in het Aardrijkskundig woordenboek van Van der Aa

Het Aardrijkskundig woordenboek van Van der Aa, 1848, is een bron van feiten en anekdotes. Alle delen zijn via Wikipedia te lezen: wat een zegen is Wikipedia toch – doneren hoor; ze krijgen sinds dat AI geleuter van Google een derde minder bezoekers terwijl dat AI geleuter de info gewoon van Wikipedia pikt. En van mij. Wikipedia leeft van donaties, net als dit blog overigens.

Wat schrijft Van der Aa over Urk? Veel, en zo informatief, maar ik haal alleen landschapsfeiten eruit. Hij schrijft dat de grond bestaat uit granietblokken wier tussenruimte ingevuld zijn met aarde. (De ijstijden waren toen nog niet uitgevonden.) Op het strand liggen met name veel donkerkleurige vuurstenen, schrijft hij. Het eiland bestaat uit rood zand met leem. De bult is 8 el hoog (nu 5 meter, en in 1846 was 1 el = 1 meter, dus er is 3 meter ingeklonken). Hij merkt ook op dat het eiland kleiner wordt. In 1649 stond de vuurtoren 35 el van de zee, en in 1661 30 voeten, dat is (zegt hij) 9,41 el. Hij schrijft dat langs de kust paalwerk is gemaakt en dat ook stenen zijn gebruikt tegen het afnemen der stranden, maar het paalwerk werkt beter, stelt hij, omdat de heftige golven de stenen door elkaar gooien. Hij schrijft ook dat de waterputten, waar mens en dier uit drinken, brak water leveren.

De Ommelebommelesteen

In het water bij het strand van Urk ligt een grote granieten zwerfkei. Dit was natuurlijk voer voor volksverhalen. De steen draagt de prachtige naam Ommelebommelesteen. Maar ik heb geen foto. Ik wil een fietstocht door de NOP maken, en dus ook langs Urk, maar dat heb ik nog niet gedaan. Ik ben me aan het voorbereiden. Ligt die Ommelebommelesteen er nog? Ja natuurlijk, maar kan ik hem zien? Zomer 2026 zoek ik het uit.

Het Watervalletje

Op Google maps zie ik ten noorden van Urk een plek die ‘het watervalletje’ heet. Foto’s zijn er niet van en streetview kan er niet komen. Op andere kaarten zie ik hier een sluis: hier wordt water uit het IJsselmeer ingelaten naar het eiland Urk, dat immers anders zou uitdrogen omdat het water wegzakt naar de lager gelegen NOP. Daar wil ik dus ook kijken.

Op deze manier, turend op kaarten, kijkend op websites van liefhebbers en lezend in artikelen bereid ik me voor op mijn volgende fietsvakantie in zomer 2026 die zal gaan naar de Noordoostpolder. De komende maanden zal je dus meer lezen over dit fascinerende gebied, dat niet in de top tien van favoriete vakantieplekken in Nederland staat.

Het vogeltje

Lezer E maakt me erop attent: Urk is net een vogeltje, en hij genereert een Urker nachtegaal:

Voor wie meer wil lezen over Urk raad ik dit boek aan: De ontdekking van Urk

Alle afbeeldingen